Bobby Julich niet op de lijst van dopingzondaars uit 1998
Marco Pantani en Jan Ullrich hebben in de Tour van 1998 epo gebruikt. Niet toevallig eindigden de Italiaan en de Duitser respectievelijk als nummer één en twee. Ook Erik Zabel, de winnaar van het puntenklassement, staat op de dopinglijst. Dat blijkt uit het dossier over dopingbestrijding dat vandaag door de Franse senaatscommissie vrijgegeven werd.
De leden van de Franse senaatscommissie hebben in 2004 stalen van renners uit de Tour van 1998 en 1999 door het laboratorium van Châtenay-Malabry opnieuw laten testen. De Amerikaan Bobby Julich, die als derde in de eindstand mee op het podium mocht, staat niet op de lijst. De Franse krant 'Le Monde' beweerde gisteren nochtans het tegendeel.
De overleden Pantani won in 1998 zowel de Tour als de Giro. Hij werd tijdens zijn loopbaan nooit positief bevonden. In 1999 mocht hij echter niet deelnemen aan de Giro omwille van een te hoge hematocrietwaarde. Ullrich gaf in juni dopinggebruik toe, maar hij heeft nooit melding gemaakt van autotransfusies en epo.
De Franse senaatscommissie gaf zelf geen namen vrij, maar verwees naar een dossier van 800 bladzijden met conclusies. Daaruit bleek dat achttien renners de Tour op epo reden. Het gaat om Andrea Tafi (Ita), Erik Zabel (Dui), Nicola Minali (Ita), Mario Cipollini (Ita), Fabio Sacchi (Ita), Eddy Mazzoleni (Ita), Jacky Durand (Fra), Abraham Olano (Spa), Laurent Desbiens (Fra), Marco Pantani, Manuel Beltran (Spa), Bo Hamburger (Den), Laurent Jalabert (Fra), Marcos Serrano (Spa), Jens Heppner (Dui), Jeroen Blijlevens (Ned), Jan Ullrich (Dui) en Kevin Livingston (VSt).
Er bestaat ook een lijst met namen van elf renners die een 'verdachte' (niet positieve) test afleverden. Dat zijn Axel Merckx, Ermanno Brignoli (Ita), Alain Turicchia (Ita), Eddy Mazzoleni (Ita), Stephane Barthe (Fra), Stuart O'Grady (Aus), Pascal Chanteur (Fra), Frederic Moncassin (Fra), Bobby Julich (VSt), Roland Meier (Zwi), Giuseppe Calcaterra (Ita) en Stefano Zanini (Ita).