1 op 8 weigert sociale woning
Bijna één op de acht kandidaat-huurders weigert een sociale woning. In sommige gemeenten, in West-Vlaanderen bijvoorbeeld, is dat zelfs één op drie. Dat schrijft Het Nieuwsblad op Zondag. N-VA wil de regels verstrengen, maar CD&V vindt dan weer dat vraag en aanbod beter op elkaar moeten worden afgestemd en de toewijzing anders zou kunnen gebeuren.
Wie op een wachtlijst staat voor een sociale woning en een aanbod krijgt, mag dat één keer weigeren. Een tweede weigering heeft meestal wel gevolgen: kandidaten worden bij de betrokken maatschappij geschrapt en komen bij de inschrijving bij een andere verhuurmaatschappij helemaal onderaan de lijst te staan.
Uit cijfers van Vlaams minister van Wonen Liesbeth Homans (N-VA) blijkt dat 13 procent van de bijna 105.000 kandidaat-huurders minstens één keer een aangeboden sociale huurwoning weigerde. Soms gebeurt dat om gegronde redenen, maar soms om pietluttigheden. N-VA wil dat de regels strenger worden gemaakt. Homans wijst erop dat bij die cijfers ook mensen zitten die al sociaal huren, en dus kieskeuriger zijn over het nieuwe aanbod. Maar ze wil wel dat de lijst met geschrapte weigeraars op meer huisvestingsmaatschappijen van toepassing wordt.
Bij CD&V ziet men in de talrijke weigeringen vooral het bewijs dat vraag en aanbod niet op elkaar zijn afgestemd. De partij stelt voor om bij het vrijkomen van een woning een oproep aan geïnteresseerden te lanceren. Bij de Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen vindt men dat de prijs van een sociale woning meer de kwaliteit ervan zou moeten weerspiegelen. Nu wordt die prijs bepaald door het loon van de aanvrager.