Ford annuleert plannen Mexicaanse fabriek
De Amerikaanse autobouwer Ford gaat zijn plannen om een deel van de autoproductie te verhuizen naar Mexico, intrekken. Het autobedrijf lag net als General Motors onder vuur: president-elect Donald Trump dreigde met torenhoge invoertarieven voor de in Mexico geproduceerde voertuigen.
Midden vorige maand liet de topman van Ford, Mark Fields, nog verstaan dat hij absoluut wilde doorzetten met het plan om de productie van kleine automodellen te verhuizen van Michigan naar Mexico. Hij wees erop dat de Amerikaanse consument nu eenmaal vragende partij is voor goedkope kleine auto's. "De klant primeert", luidde het toen. De topman beklemtoonde ook nog dat er in Michigan geen banen verdwijnen, omdat de fabriek twee nieuwe modellen zou krijgen.
Maar Trump dreigde ermee een invoertarief van 35 procent op te leggen aan bedrijven die buiten de Verenigde Staten nieuwe fabrieken bouwen voor producten die ze in de VS verkopen. Zowel GM als Ford werden geviseerd.
Die laatste buigt nu en bergt zijn plannen voor de nieuwe Mexicaanse fabriek op, zo kondigde Fields dinsdag aan op een persconferentie. In plaats van 1,6 miljard dollar voor San Luis Potosi, gaat Ford 700 miljoen investeren in zijn fabriek in Flat Rock in Michigan, onder meer voor de productie van een elektrisch en een hybride model. Door de investering zouden er de volgende jaren 700 nieuwe banen worden gecreëerd.
Het aandeel van Ford schoot na de aankondiging 2,5 procent hoger.