Risico van Belfius op Dexia weldra helemaal gedekt
Wanneer Dexia in de komende maanden Dexia Municipal Agency (DMA) van de hand kan doen, zal meteen ook de blootstelling van de staatsbank Belfius aan Dexia volledig gedekt zijn, zegt Dexia-topman Karel De Boeck (foto). Het Dexia-risico van Belfius is op een jaar tijd al ruimschoots gehalveerd, van 56 miljard in oktober 2011 tot nog 23 miljard nu.
De Boeck zakte vandaag af naar de opvolgingscommissie rond de financiële crisis voor een update van de situatie bij Dexia. De bankier drukte de parlementsleden daarbij meermaals op het hart dat Dexia niet alleen zijn probleem is, maar wel ons probleem.
Voor Belfius had De Boeck wat goed nieuws. Door het afronden van de DMA-deal tegen eind januari komt immers 12 miljard euro aan liquiditeiten vrij, die zullen helpen het Dexia-risico van de staatsbank naar nul te herleiden. "Dat is heel goed nieuws", aldus de bankier. De blootstelling zelf is intussen teruggebracht tot nog 23 miljard euro, waarvan onder meer 13 miljard aan door de staat gewaarborgde schuld, 5,7 miljard aan financiering van Belfius aan Dexia en 1 miljard aan een liquiditeitsback-uplijn in de VS.
Staatsgaranties
Over de recent heronderhandelde staatsgaranties - goed voor 85 miljard, waarvan België 51,4 procent op zich neemt - onderstreepte De Boeck dat die nu al niet volledig aangewend worden. In 2014 zullen die nog pieken op 65 miljard euro, wat dan over 2015 (60 miljard) en 2016 (40 miljard) geleidelijk zal dalen tot nog 30 miljard euro in 2021. "De staatsgaranties gaan nog twee jaar stijgen, om erna te dalen."
In 2018 zou Dexia in principe alvast weer min of meer break-even moeten draaien. Iets waarvan de betrokken staten als eerste van zouden profiteren, klinkt het. Volgend jaar verwacht De Boeck wel nog een verlies van om en bij 1 miljard euro. Het dividend van 8 procent dat bij de preferente aandelen hoort, is dan ook veeleer "symbolisch", erkent De Boeck.
Restbank
De balans van de restbank blijft intussen wel krimpen, waarbij de verkoop van DMA begin volgend jaar in één klap goed is voor een daling met 65 miljard euro tot nog zo'n 250 miljard. Nadien zal het trager gaan. Het is immers wachten tot de resterende 100 miljard aan bonds en 150 miljard aan kredieten tot hun vervaldag komen. Bij sommige producten is het daarvoor wachten tot 2099 bevestigde De Boeck. Toch zou de som van 250 miljard tegen 2020 al gehalveerd moeten zijn, om in 2025 nog zo'n 60 miljard te beslaan.
De Europese Commissie dringt er intussen op aan bepaalde activa al voor hun maturiteit te verkopen. "Maar dat is niet logisch en gaat gepaard met verliezen", aldus De Boeck, die onderstreept dat dan mogelijk ook een nieuwe kapitaalverhoging nodig zou zijn. "Ik houd dus het been stijf, zolang het niet breekt", klinkt het strijdvaardig. "Want als we bijvoorbeeld de staart vanaf 2025 afknippen, zijn we 20 miljard kwijt."
Nieuwe kapitaalsverhoging
Een nieuwe kapitaalsverhoging volledig uitsluiten, kan De Boeck trouwens niet. "Dat zou ik enkel met zekerheid kunnen zeggen als ik de rentevoeten kende van de komende twintig jaar, als ik de noteringen van landen als Spanje, Portugal of Griekenland kende op twintig jaar en als de ratingbureaus geen zotte dingen zouden doen", klinkt het.
De recent afgesproken kapitaalsverhoging met 5,5 miljard zal trouwens mogelijk een kunstgreepje vergen, geeft De Boeck voorts aan. Frankrijk weet immers niet wanneer het de gecorrigeerde financiewet gestemd zal krijgen. Via twee zakenbanken zal dus met een lening van 2 miljard voorkomen worden dat het tot een default komt bij gebrek aan cash, wat ook de banklicentie op de helling zou kunnen zetten. Enkele dagen later wordt alles dan geregeld. "Een praktisch probleem bij het doorsluizen van grote sommen", noemt de Dexia-topman het.
Tot slot werd De Boeck nog gevraagd naar het eventuele vertrek van Dexia van de beurs. Gezien het beperkte kapitaal dat niet in handen is van België en Frankrijk, zou dat toch logisch zijn, argumenteerde Meyrem Almaci (Groen). De Boeck laat verstaan dat die optie wel degelijk besproken zal worden, maar dat men er voorlopig niet aan toegekomen is. "Het zou alleszins makkelijker zijn voor het management", besluit hij.