"Slovenië werkt dag en nacht om banken te redden"
"Slovenië werkt dag en nacht om zijn bankensector te stabiliseren zonder externe hulp." Dat heeft de Sloveense eerste minister Alenka Bratusek vandaag in Brussel gezegd. Ze reageerde zo op de waarschuwing van de OESO dat Slovenië te maken zal krijgen met een diepe crisis in zijn bankensector als het land niet snel ingrijpt.
Slovenië wordt regelmatig genoemd als het volgende euroland dat internationale hulp zal moeten vragen. Net als Cyprus heeft het land een relatief zware bankenactiviteit in vergelijking met zijn nationale economie.
"We zijn ons ervan bewust dat ons een moeilijke periode wacht", aldus Bratusek. "Onze prioriteit is om de bankensector te stabiliseren en daar werken we dag en nacht aan. Met de oprichting in juni van een 'bad bank' (waarin de rotte delen van de bankensector moeten worden ondergebracht; nvdr) pakken we de eerste moeilijkheid aan."
"Geen vergelijking met Cyprus mogelijk"
Bratusek was in Brussel om onder meer José Manuel Barroso te ontmoeten. De voorzitter van de Europese Commissie heeft naar eigen zeggen vertrouwen in de Sloveense overheid. In de nabije toekomst zal een financieel stabiliteitsprogramma voorgesteld worden. Elke vergelijking tussen Cyprus en Slovenië veegde hij van tafel. "De toestand is totaal anders", luidde het. "De omvang van de banken tegenover de gehele economie is verschillend en het financiële model is anders."
"Slovenië is een stabiel, sterk land, waarschijnlijk sterker dan vele andere Europese landen", voegde Bratusek er nog aan toe. Het was de eerste buitenlandse trip van de Sloveense premier sinds ze vorige maand aantrad.