"Alle elementen voor een Grieks akkoord liggen op tafel"
De ministers van Financiën van de eurozone beschikken over alles wat ze nodig hebben om een tweede steunpakket voor Griekenland goed te keuren. Dat heeft de Franse minister van Financiën Francois Baroin (foto) verklaard voor aanvang van de ontmoeting tussen de ministers.
De ministers van de eurozone stemmen vanavond over een nieuwe financiële injectie ter waarde van 130 miljard euro. Stemmen ze tegen, dan dreigt Griekenland failliet te gaan. Volgens Baroin liggen alle elementen voor een akkoord alvast op tafel.
Griekse staatsschuld
De noodhulp voorziet in een lening van 130 miljard euro van de eurolanden en het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Daarnaast verliezen banken 70 procent van hun vorderingen op de Griekse overheid. Dat moet de Griekse staatschuld met 100 miljard euro verlagen, meldt vk.nl.
Hoewel het land al drastisch bezuinigt (en drastische bezuinigingen heeft aangekondigd), is het nog lang niet zeker dat er vanavond wordt ingestemd met het pakket reddingsmaatregelen. Vooral Nederland en Duitsland vrezen geld in een bodemloze put te gooien als Griekenland de staatsschuld niet op beheersbaar niveau weet te houden.
Een overzicht van maatregelen die aangekondigd zijn en deels al zijn ingevoerd onder druk van schuldeisers:
Overheidsbezuinigingen
De Griekse overheid verkoopt staatsbezittingen en dat moet 50 miljard euro opleveren. Het gaat onder meer om havens, luchthavens, spoorwegen, waterbedrijven, elektriciteitsbedrijven en telecombedrijven. Er wordt ook bezuinigd op onderwijs door 1976 scholen te sluiten of te laten fuseren. Lokale overheden zullen minder subsidies ontvangen.
De overheid voert in totaal 9,55 miljard euro aan directe bezuinigingen door, waaronder 300 miljoen subsidies aan pensioenfondsen die worden geschrapt, 850 miljoen minder overheidsinvesteringen in infrastructuur, 1,2 miljard op de defensiebegroting, 2,1 miljard bezuinigingen op de gezondheidszorg en 5,1 miljard op de sociale zekerheid.
Pensioenen
Op de pensioenen wordt bezuinigd door de pensioenleeftijd te verhogen naar 65 jaar, en deze te koppelen aan de levensverwachting. Alle ambtenarenpensioenen worden bevroren, de aanvullende pensioenen worden met 15 procent gekort. Er wordt een solidariteitsheffing ingevoerd van 3 tot 10 procent op pensioenen boven de 1.400 euro per maand. Op pensioenen van alle gepensioneerden onder de 60 jaar geldt een korting van 10 tot 20 procent. Het pensioen bedraagt nog 65 procent van het eindloon in plaats van 96 procent.
Lonen
Het minimumloon wordt verlaagd van 877 euro per maand naar 700 euro per maand. Voor jongeren onder de 25 wordt het minimumloon nog lager. De ambtenarensalarissen worden met 15 tot 20 procent verlaagd, de overurenbetaling aan ambtenaren daalt met 30 procent, de lonen van werknemers van staatsbedrijven worden met 30 procent verlaagd. Voor de overheid geldt een vacaturestop, en 30.000 ambtenaren worden op non-actief gezet. Zij krijgen 40 procent minder loon, en na een jaar worden ze ontslagen. Voor eind 2012 moeten 15.000 ambtenaren zijn ontslagen. Wat het bedrijfsleven betreft: ook daar worden de lonen bevroren, en het ontslagrecht wordt versoepeld.
Verder worden de financiële privileges voor leden van het Griekse leger en de veiligheidsdiensten afgeschaft, en worden ongeveer 140 'gesloten' beroepen als tandarts, notaris, advocaat en vrachtwagenchauffeur geliberaliseerd.
Belastingen
De belastingvrije voet gaat omlaag, van 12.000 euro naar 5.000 euro. Er wordt een belasting ingevoerd op luxegoederen als jachten, vakantiehuizen en dure auto's. Alle btw-tarieven worden verhoogd, de accijnzen op brandstof, tabak en alcohol worden met een derde verhoogd.
Er komt ook een eenmalige 'solidariteitsheffing' van 1 tot 5 procent op het bruto-inkomen van huishoudens. De vennootschapsbelasting wordt verhoogd voor bedrijven met een jaarwinst hoger dan 100.000 euro, en er komt een belasting op commerciële activiteiten van kerkgenootschappen. De drempel voor belasting op onroerend goed wordt verlaagd van 400.000 naar 200.000 euro. En het wordt duurder om met het openbaar vervoer te reizen: de tarieven stijgen immers met 25 procent. (vk/adha)