Belgische inflatie 0,3 procentpunt lager dan in buurlanden
In het derde kwartaal is de inflatie in België stabiel gebleven op gemiddeld 1,2 procent. Dat blijkt uit het kwartaalverslag van het Prijzenobservatorium. In onze buurlanden Duitsland, Frankrijk en Nederland nam de totale inflatie toe tot gemiddeld 1,5 procent.
Het verschil tussen België en de buurlanden komt voort uit het uiteenlopende prijsverloop voor energieproducten, luidt het. "Alle andere productgroepen hadden voor België een ongunstige, zij het beperkte (allen 0,1 procentpunt), impact op het inflatieverschil."
De onderliggende inflatie, die geen rekening houdt met het prijsverloop van de niet-bewerkte levensmiddelen en energieproducten, liep licht op in het afgelopen kwartaal en kwam gemiddeld uit op 1,8 procent. Voor diensten en niet-energetische industriële goederen was er immers een toename van het prijsstijgingstempo. Dat werd maar gedeeltelijk gecompenseerd door een lagere inflatie van bewerkte levensmiddelen. De onderliggende inflatie nam ook toe in onze voornaamste buurlanden, maar ze bleef met 1,4 procent wel lager dan in België.
Ten opzichte van het overeenstemmende kwartaal vorig jaar daalden de elektriciteitsprijzen met 1 procent. De neerwaartse impact van de jaar-op-jaar prijsdaling van de energiecomponent (-10,9 procent) werd grotendeels teniet gedaan door de stijging op jaarbasis van de netwerktarieven (+5,9 procent).