"Groter risico op sociale onrust door stijgende werkloosheid"
Vijf jaar na de uitbraak van de financiële crisis neemt de werkloosheid, en daarmee ook de kans op sociale onrust, in vele industrielanden verder toe. Het gevaar is het grootst in de Europese Unie, zo waarschuwt de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) vandaag.
Wereldwijd zijn er dit jaar circa 201,5 miljoen werklozen (6 procent van de actieve bevolking). Er zijn 30 miljoen jobs te weinig om aan de werkloosheidsgraad van voor de crisis (5,4 pct) te raken. Zonder maatregelen zal het aantal werklozen volgend jaar stijgen tot 205 miljoen en naar 208 miljoen in 2015, zo staat in het ILO-rapport "World of Work 2013".
Grotere inkomensongelijkheid
"De heropleving verloopt erg ongelijk. Het merendeel van de industrielanden bevindt zich nog in een crisissituatie", luidt het bij de ILO. Zo heeft de toenemende werkloosheid in de industrielanden de voorbije twee jaar geleid tot een grotere inkomensongelijkheid. Vooral de groep mensen met een gemiddeld inkomen is in veel ontwikkelde economieën kleiner geworden. Velen onder hen zijn werkloos geworden, terwijl de beloningen aan de top van het bedrijfsleven verder gestegen zijn.
Dreiging het grootst in zuidelijk Europa
Die ontwikkeling geldt ook voor de Europese Unie. Het risico op sociale onrust is daardoor toegenomen, waarschuwt de ILO. De index die het risico berekent aan de hand van factoren als toestand op de arbeidsmarkt, levensstandaard en vertrouwen in de regering, is gestegen van 34 procent in 2006 naar 46 procent in 2012. De dreiging is het hoogst in de eurolanden die het financieel het zwaarst hebben, zoals Griekenland, Cyprus, Portugal, Spanje en Italië.
"De situatie in sommige Europese landen begint de economische en sociale structuur aan te tasten", aldus directeur-generaal Guy Ryder van de ILO. Herstel van de werkgelegenheid is volgens hem van groot belang, in combinatie met betere sociale bescherming voor de armste en meest kwetsbare groepen.
In tegenstelling tot in de industrielanden, is er in de meeste ontwikkelingslanden en opkomende economieën juist meer werk en neemt de kloof tussen arm en rijk af.