4 fouten bij het gebruik van een zitbal
Een zitbal is een handig en relatief goedkoop hulpmiddel voor wie thuis ook de buik- en beenspieren wil oefenen. Ook zwangere vrouwen hebben er baat bij: je zit vanzelf rechter en neemt zo druk weg op de rug, terwijl je de buikspieren toch zachtjes oefent. Het gaat echter niet altijd vanzelf: dit zijn de vier belangrijkste fouten die je kan maken bij het gebruik van een zitbal.
1) Grootte telt wel
Een bal in de verkeerde maat (zowel te groot als te klein) kan voor problemen zorgen bij de oefeningen: je kan bepaalde spieren overbelasten, of oefeningen worden minder effectief.
De juiste bal is gebaseerd op je lengte. Meestal komen ze in drie maten, testen (en uitleg vragen) is dus de boodschap.
2) Ballenspanning
Net als een gewone (voet)bal, wordt ook een zitbal slapper met de tijd. Zorg dat de bal altijd onder de juiste spanning staat (niet te zacht maar ook niet te hard), of de oefeningen verliezen hun effect.
3) Onstabiel
Een bal is natuurlijk een beetje onstabiel en dat is de bedoeling: het daagt spieren uit die je normaal laat inzakken of niet gebruikt, zeker wat betreft de buikspieren. Je weet dat er iets mis is als je geen enkele oefening kan doen zonder je evenwicht te verliezen of je de bal niet onder controle kan houden.
Hier kunnen verschillende oorzaken voor zijn: Is de bal de juiste maat, is hij niet te veel opgeblazen?
Een andere optie is dat je de bal verkeerd gebruikt: spreid je benen meer, ga verder op de bal zitten of doe de bewegingen trager.
4) Foute techniek
Een nadeel van het gebruik van een 'gymaccessoire' is dat ze meestal specifieke bewegingen vragen wil je enig effect zien. Doe je het fout, dan zijn de oefeningen op zijn best niet effectief, op zijn slechtst hou je er blessures aan over.
Volg enkele lessen (bijvoorbeeld pilates of prenatale yoga), zoek video's online of volg de bewegingen op een dvd om op veilig te spelen.