Onverklaarbare onvruchtbaarheid meestal toch zijn schuld
Eén op drie koppels die maar niet zwanger worden, krijgt te horen dat er 'geen probleem' is. Een nieuwe test toont aan dat er wel degelijk een probleem is, en in 80 procent van de gevallen ligt dat probleem bij de man. Slechte spermakwaliteit, onder meer door beschadigd dna, is het probleem.
Dat spermacellen niet altijd hun werk naar behoren doen, is nochtans niet nieuw. Hoe komt het dan dat dit probleem uit de onderzoeken niet naar voren komt? Simpel: omdat vruchtbaarheidsklinieken sperma vooral testen op vorm, snelheid en concentratie en niet op de genetische kwaliteiten.
Een nieuwe test brengt daar verandering in: daarbij worden de spermacellen ook getest op de toestand van het genetisch materiaal. Met andere woorden, zijn er 'breuken' en 'scheuren' in het dna? Zo ja, dan is het minder waarschijnlijk dat de partner zwanger geraakt of dat een zwangerschap in een miskraam eindigt.
Professor Sheena Lewis die de test ontwikkelde: "Voor een derde van de koppels lijkt er niets aan de hand met hun vruchtbaarheid volgens de standaardtesten. Zij spenderen vaak veel tijd en geld aan vruchtbaarheidsbehandelingen, maar omdat gewerkt wordt met de 'kapotte' spermacellen, is de kans op succes veel lager. We hebben nu in een meerderheid van de gevallen een oplossing, waardoor we de koppels sneller en goedkoper aan een baby kunnen helpen."