België meest kwetsbaar voor hackers
Wie een webserver met succes wil hacken, kan zich volop laten gaan in België, zo blijkt uit onderzoek van het Amerikaanse securitybedrijf Rapid 7. In ons land staan zoveel serverpoorten open dat de kwetsbaarheid voor aanvallen piekt. We doen daarmee nog slechter dan landen als Tadjikistan of Samoa.
Het Amerikaanse Rapid 7 zoemde met zijn 'National Exposure Index' in op de publieke IP-adressen. Dat zijn de unieke 'telefoonnummers' van elke computer of server die verbonden is met het internet. Op basis daarvan ging het bedrijf na hoe geëncrypteerd en beveiligd de aangeboden diensten zijn.
Dat deed het door de gebruikte poorten van de webservers onder de loep te nemen. Aan de hand van die poorten kan je doorgaans zien welk webprotocol er voor een dienst gebruikt wordt, en dus ook de mate van encryptie meten.
Het is niet omdat een webserver een ongeëncrypteerd protocol gebruikt dat die direct onveilig is en dus open staat voor hacking. Maar, zo argumenteert het securitybedrijf, "hoe meer diensten er aangeboden worden door een server of toestel, hoe meer het systeem blootgesteld is aan aanvallen". Anders gezegd: laat je thuis 1 deur openstaan, dan kan je de boel redelijk goed controleren. Laat je er 10 open, dan is de kans groter dat er iemand met je huisraad weg is.
In die lijst van 'open poorten' staat België op kop: ons land heeft minder connectiepunten dan pakweg de VS en China, maar de diensten die via onze webservers worden aangeboden zijn vaker ongeëncrypteerd. In België heeft 31 procent van de systemen maar liefst 30 poorten openstaan. Andere landen die zwak scoren en dus erg kwetsbaar zijn voor hackers zijn Tadjikistan, Samoa, Australië en China.
Anders gezegd: laat je thuis 1 deur openstaan, dan kan je de boel redelijk goed controleren. Laat je er 10 open, dan is de kans groter dat er iemand met je huisraad weg is