Zijn Facebook-dreigementen 'vrijheid van meningsuiting'?
De Verenigde Staten zijn dezer dagen in de ban van een 21ste-eeuws 'vrijheid van meningsuiting'-dilemma. Kernvraag: vanaf wanneer zijn dreigende commentaren op sociale media crimineel te noemen? Het Amerikaanse Hooggerechtshof buigt zich nu over de zaak.
De zaak draait rond ene Anthony Elonis die in 2010, na een reeks persoonlijke tegenslagen, een hele rist Facebook-posts plaatste. Daarin dreigde hij onder meer zijn vrouw de keel over te snijden, een FBI-agent te vermoorden en een aanslag te plegen op een kindercrèche.
Twee lagere Amerikaanse rechtbanken, in 2011 en in 2012, vonden de dreigementen te ernstig en veroordeelden Elonis tot vier jaar cel. Elonis had altijd gezegd dat hij teksten van rapper Eminem en comedygroepering The Whitest Kids U' Know citeerde, dat hij nooit echt geweld wilde gebruiken en beriep zich in zijn verdediging op het eerste amendement van de grondwet van de Verenigde Staten, dat de vrije meningsuiting beschermt.
Zender of ontvanger
Hoewel het Amerikaanse Hooggerechtshof eerdere, vergelijkbare zaken afwees, willen de rechters deze kwestie wel onder de loep nemen. Zij moeten oordelen over de vraag of Elonis' bewering - dat hij zijn dreigementen nooit in de praktijk zou brengen - van tel is als een 'redelijke persoon' zich toch bedreigd voelt door de Facebook-posts.
Het lijkt wel de digitale versie van de zaak 'Virginia versus Black' uit 2013. Toen oordeelde het Hooggerechtshof dat een wet van de staat Virginia tegen het verbranden van kruisen te ver ging, omdat niet alle kruisverbrandingen bedoeld zijn als dreigement. Niet dat er sindsdien duidelijkheid is in de vonnissen van lagere rechtbanken: die moeten nog steeds intepreteren wat een dreigement precies betekent. Anders gezegd: bepaalt de zender of de ontvanger de 'objectieve' betekenis? Meestal kozen rechters voor die laatste visie, zo ook bij de zaak-Elonis.
Angst
Elonis' advocaten argumenteren tegenover het Supreme Court dat de kwestie "van groeiend belang is nu online communicatie, per e-mail en social media, gemeengoed is geworden". "Moderne media zorgen ervoor dat persoonlijke reflecties die bedoeld zijn voor een klein publiek (of geen publiek) bekeken kunnen worden door mensen die onbekend zijn met de context waarin die statements gemaakt zijn. Daardoor zouden ze die helemaal anders kunnen interpreteren dan de sprekers bedoelden."
Het Amerikaanse ministerie van Justitie hoopt alvast dat het vonnis van de lagere rechtbanken behouden blijft. Volgens de overheid is de wet niet alleen bedoeld om echt geweld te voorkomen, maar ook de angst en ordeverstoring die voortvloeien uit dreigementen.
Moderne media zorgen ervoor dat persoonlijke reflecties die bedoeld zijn voor een klein publiek (of geen publiek) bekeken kunnen worden door mensen die onbekend zijn met de context waarin die statements gemaakt zijn.
Cybergeweld
Maar een veelbesproken opiniestuk op de populaire nieuwswebsite Vice beweert net het tegendeel. Journaliste Natasha Lennard spreekt van de eeuwige tegenstelling tussen het wettelijke en het ethische. "Niemand zou de voorvechter mogen zijn van het feit dat bedreigingen van huiselijk geweld en moord het internet overspoelen. Die daden van vrije meningsuiting zijn niet geen dreigementen van geweld, ze zíjn geweld."
Maar, zo zegt ze, als de veroordeling van Elonis gehandhaafd wordt, schept het Hooggerechtshof een gevaarlijk precedent tegen vrije meningsuiting. "Hoewel we dit soort van cybergeweld als onaanvaardbaar willen bestempelen, mogen we 'het verachtelijke' niet terugbrengen tot 'het illegale'. De bredere bescherming van vrije meningsuiting loopt dan gevaar. Wat niet betekent dat we niet naar andere wapens moeten zoeken in onze strijd tegen online agressors en hun slachtoffers moeten ondersteunen. Dat is onze collectieve uitdaging, niet die van het Hooggerechtshof."
Hoewel we dit soort van cybergeweld als onaanvaardbaar willen bestempelen, mogen we 'het verachtelijke' niet terugbrengen tot 'het illegale'.
Westboro Baptist Church
Welke kant het volgens ons zal opgaan? Het Amerikaanse Hooggerechtshof heeft de neiging om zich 'pro' vrije meningsuiting te positioneren, zelfs al gaat het om ranzige uitwassen van dat principe. Zo kreeg de controversiële sekte Westboro Baptist Church het voordeel van de twijfel over de vraag of ze mochten demonstreren op begrafenissen om het overlijden van slachtoffers van ongelukken en aanslagen toe te juichen als 'straf van God'. Zelfs vrije meningsuiting in haar meest walgelijke vorm is heilig in VS - met uitzondering van het bedreigen van de president zelf. Het zou ons verbazen mocht het Hooggerechtshof nu anders oordelen.