Noordelijk poolijs weer sterk afgesmolten, maar geen nieuw record
Zoals elk jaar tijdens de zomer is het noordelijk poolijs weer sterk afgesmolten, maar de ijsmassa bleef beduidend boven het laagterecord vorig jaar. Dat hebben het Alfred-Wegener Instituut voor Pool- en Oceaanonderzoek en de Universiteit van Hamburg bekendgemaakt. Maar de trend is daarmee niet gebroken.
Midden september was het noordelijke poolijs tot ongeveer 5,1 miljoen vierkante kilometer afgesmolten, de kleinste oppervlakte voor dit jaar. Vorig jaar had de afsmelting een record bereikt, want er bleef toen nog maar 3,4 miljoen vierkante kilometer ijs over.
Maar de huidige waarde betekent geen breuk met de langetermijntrend van het afsmelten van het poolijs, weet Lars Kaleschke van de Universiteit van Hamburg.
Deze zomer schoven boven Rusland de grenzen van het compacte pakijs tot onder de 88ste breedtegraad, wat nooit gezien is sinds het begin van de satellietwaarnemingen. Nauwelijks ongeveer 220 kilometer van de Noordpool verwijderd was er open water. De noordelijke ijslaag is ook grondig veranderd: daar waar er voorheen dik pakijs van meerdere jaren was, vindt men nu overwegend seizoensijs.
In de winter neemt het noordelijke poolijs weer toe tot een oppervlakte van 14 tot 16 miljoen vierkante kilometer.