Shell op de vingers getikt voor luchtvervuiling
Olieconcern Shell is door de Amerikaanse overheid op de vingers getikt voor luchtvervuiling in het Noordpoolgebied bij Alaska. Uit metingen van de federale milieuwaakhond EPA blijkt dat twee boorschepen van Shell afgelopen zomer een buitensporige hoeveelheid luchtvervuiling hebben geproduceerd. Dat melden Amerikaanse media.
Bij elk van de twee schepen werd het broeikasgas stikstofoxide gemeten. Eén van de boorschepen is de Kulluk, die onlangs bij Alaska aan de grond liep. Shell doet in het gebied proefboringen.
De maximaal toelaatbare uitstoot is al langere tijd onderwerp van onderhandeling tussen Shell en de EPA, die beslist over milieuvergunningen. De oliemaatschappij zegt er alles aan te doen om zich aan de milieu-eisen te houden, maar zou graag zien dat de EPA die eisen verruimt.
In de Verenigde Staten groeit de weerstand tegen de proefboringen in het Noordpoolgebied, omdat er veel risico's voor het milieu aan vastzitten. Deze week werd bekend dat de Amerikaanse overheid de booractiviteiten van Shell in het gebied kritisch gaat bekijken. Die evaluatie bepaalt of er nieuwe vergunningen worden afgegeven.
WNF
Het Wereld Natuur Fonds ziet in de jongste melding van de EPA het bewijs "dat Shell slecht is voorbereid én dat het technisch gewoon niet mogelijk is om op een veilige manier te werk te gaan in het afgelegen Noordpoolgebied met zijn extreme weersomstandigheden".
Het WNF roept de Amerikaanse overheid op om alle vergunningen voor de olieboringen van Shell in het Noordpoolgebied in te trekken. "Het Arctisch gebied is te fragiel en ongerept om dit soort risicovolle ondernemingen toe te laten", aldus Gerd Polet, Noordpooldeskundige van het WNF.