Wilde dieren massaal vergiftigd in nationaal park
In een nationaal park in Mozambique zijn op grote schaal wilde dieren vergiftigd. Onderzoekers ontdekten tientallen kadavers waaronder enkele van leeuwen. Ze vermoeden dat de massavergiftiging verband houdt met de aanhoudende vraag naar leeuwenbotten vanuit Azië.
De massavergifting vond plaats in het Mozambikaanse deel van het Great Limpopo Tranfrontier Park, net over de grens van het Zuid-Afrikaanse Krugerpark.
Tientallen kadavers
Op slechts twee kilometer afstand van het bij safarigangers populaire Machampane Tourist Camp troffen de onderzoekers de kadavers aan van twee leeuwen, 51 aasgieren, drie visarenden, een arenduil, een geesnalvelwouw, twee nyala (antilopen), een warthog (wild zwijn) en een impala. In de kadavers van de drie laatstgenoemde diersoorten ontdekten ze zwarte gifkorrels, zo meldt de Zuid-Afrikaanse Conservation Action Trust.
Muti
De leeuwenkadavers waren in stukken gehakt en ontdaan van alle botten. De 22 dode aasgieren waren onthoofd, vermoedelijk voor muti, zoals de traditionele geneeskunst door medicijnmannen in Zuid-Afrika heet.
Op de onlangs gehouden CITES-top in Johannesburg werd besloten dat leeuwen op de lijst blijven staan van wilde dieren waarbij het verboden is om botten, stukken bot, klauwen, skeletten, schedels en tanden te verwijderen en te verhandelen voor commerciële doeleinden. Het verbod geldt niet voor privéfokkers van wilde dieren.
Tekort aan tijgerbotten
De handel in leeuwenbotten neemt al geruime tijd toe door een groeiend tekort aan tijgerbotten. Die worden in landen als Vietnam, Laos en Cambodja verwerkt in pillen, poeders en andere middeltjes tegen allerhande kwalen. De botten gelden net als de ivoren slagtanden van olifanten en hoorns van neushoorns ook als potentieverhogend.