Ford Genk: "Gaan ze alle Europese landen tegen elkaar uitspelen?"
Federaal minister van Werk Monica De Coninck (sp.a) heeft weinig tot geen begrip voor de beslissing van Ford om de fabriek in Genk te sluiten. "Gaan ze nu alle Europese lidstaten tegen elkaar uitspelen?", vraagt De Coninck zich af. De minister gelooft niet dat Ford enkel omwille van de loonkost wegtrekt. "Het is een combinatie van factoren", zegt ze.
Monica De Coninck wijst erop dat Ford bijzonder veel subsidies heeft gekregen om de productie in België te houden. Dat geld terugkrijgen wordt moeilijk, zei ze voor aanvang van het gesprek met de directie. "We hebben immers ook veel geïnvesteerd via economische werkloosheid (in 2011 nog 11 miljoen euro, red.), dat kunnen we onmogelijk terugvorderen."
De minister snapt niet waarom de autobouwer nu toch de productie wil delokaliseren. "De werknemers hebben 12 procent van hun loon afgestaan om de investeringen mogelijk te maken. De productiviteit in Genk ligt zeer hoog." Het belangrijkste is nu volgens De Coninck de hulp die kan worden geboden aan de provincie Limburg. "En dat heeft niet enkel te maken met geld, maar ook met eigenwaarde", zegt ze.
De Coninck vindt het absoluut noodzakelijk om de exacte redenen te kennen die de Ford-directie heeft aangezet tot haar beslissing. "Deze informatie moet ons aantonen of eventuele hervormingsmaatregelen in onze regelgeving moeten plaatsvinden om ons te beschermen tegen dergelijke toekomstige scenario's", zegt ze.