"Duizenden buitenlanders vechten in Syrië"
Tussen 3.300 en 11.000 mensen uit meer dan 70 landen strijden of hebben gestreden aan de zijde van de oppositie tegen het bewind van de Syrische president Bashar al-Assad. Dat heeft het Internationaal centrum voor de bestudering van radicalisering (International Centre for the Study of Radicalisation and Political Violence (ICSR)) becijferd. In het centrum, dat is gevestigd in King's College in Londen, werken vijf universiteiten samen.
Het ICSR baseert zich op 1500 bronnen, waaronder berichten uit de (sociale) media en verklaringen van jihadisten. Daaruit maakt het op dat er van eind 2011 tot 10 december dit jaar tussen 3.300 en 11.000 mensen naar Syrië zijn gegaan om daar tegen het regime van Assad te vechten. De meeste strijders komen uit Arabische en Europese landen.
Europese landen
Van de Europese landen leveren Frankrijk (63 tot 412 strijders), Groot-Brittannië (43-266), België (76-296) en Nederland de meeste vechters tegen Assad. Inwoners van landen als Zwitserland, Finland en Oostenrijk vechten veel minder mee.
Hoewel in veel gevallen niet vastsstaat bij welke oppositiegroep de buitenlanders zich aansluiten, concludeert het centrum dat vooral al-Nusra en de Islamitische Staat van Irak en de Levant de meeste aantrekkingskracht op hen hebben. Beide groeperingen hebben banden met de terreurbeweging al-Qaida.