Internet der dingen neemt vliegende start op CES
Als er één trend boven de rest uitsteekt tijdens deze editie van de Consumer Electronics Show, is het wel het al zo'n vijftien jaar gehypete 'internet der dingen'. Computers ter grootte van een knoopsgat, automobielen die via mobiel internet communiceren met een slimme thermostaat in huis, 'wearables', bloempotten die gegevens uitwisselen met je thuisnetwerk - de boodschap van tientallen fabrikanten is duidelijk: we zitten bijna in een toekomst waarin letterlijk àlles op het internet zit.
Dat chipmaker Intel de boot van de mobiele technologie heeft gemist, en dus nog steeds de ontwikkeling en fabricage van processoren voor computers als zijn kernbusiness heeft, is voor het bedrijf niet meer zo erg: er is een nieuwe technologie-revolutie op handen, en daarbij staat het klaar als een van de pioniers. Intel wil het verschil maken met zijn Curie-computer, een semi-volwaardige pc die bestaat uit een 'System on a Chip' (SoC, zeg maar een computer gecondenseerd tot één enkele chip), een miniem volume aan ram- en opslaggeheugen, een bewegingssensor en een Bluetooth-radioverbinding. Het toestelletje, dat Intel in de tweede helft van dit jaar beschikbaar wil maken voor hardwarefabrikanten, heeft alles in huis om eender welk toestel of object 'smart' te maken, en te communiceren met andere apparaten in de consument zijn netwerk.
Intelbaas Brian Krzanich liet het hoge woord vallen tijdens zijn keynote-speech op editie 2015 van de Consumer Electronics Show in Las Vegas: het 'internet der dingen' is op handen. Vergeet slimme telefoons, slimme auto's, slimme armbanden, slimme andere toestellen: de volgende stap is dat àlles gewoon 'smart' wordt, of liever aansluitbaar is op het internet, en het predikaat dus geen betekenis meer heeft. De volgende stap is dus op handen met het 'internet of things', veruit het belangrijkste 'buzzword' dat tijdens deze CES wordt gescandeerd. En dankzij de wonderen van de miniaturisering en radiochips, die eender welk object kunnen laten communiceren met eender welk object, ligt die ondertussen al vijftien jaar oude belofte van het internet der dingen binnen handbereik. "Alle bouwstenen zijn klaar", zei Shawn DuBravac, hoofdeconomist bij de Consumer Electronics Association, inrichter van de CES, tijdens een speech voor aanvang van de beurs. "Het is niet langer de kwestie of het technologisch mogelijk is, maar of het technologisch betekenisvol is."
En dus beginnen de duizenden fabrikanten van elektrotoestellen die hun waren tentoonstellen op CES dat soort relevante toepassingen uit te proberen, en alle denkbare apparaten met elkaar in verbinding te brengen. Denk bijvoorbeeld aan de slimme, op het internet aangesloten thermostaten van het Amerikaanse bedrijf Nest, die dankzij samenwerkingen met automobielfabrikant Mercedes-Benz en automonitormerk Automatic rechtstreeks communiceert met auto's: uw voertuig kan dus, als u de juiste producten in huis hebt, terwijl u onderweg naar huis bent uw thermostaat verwittigen dat hij de verwarming mag aanzetten. Alle 'wearables' die de afgelopen twee jaar op de markt kwamen, en waarvan er ook tijdens deze CES nieuwe producten werden getoond, passen vanzelfsprekend in het 'internet der dingen'-verhaal. Een nieuw voorbeeld daarvan is de Myo-armband, waarmee gebruikers al hun huiselektronica kunnen bedienen met armbewegingen. En sommige fabrikanten maken het nog gekker: zie bijvoorbeeld het Franse bedrijf Parrot, dat met zijn Pot een 'slimme bloempot' op de markt brengt, die via een ingebouwde database van 8.000 planten en een waterreservoir je planten geirrigeerd houdt zonder dat u er echt naar hoeft om te kijken, en ook informatie over de toestand van uw planten doorgeeft aan je smartphone.
Als dit zo verdergaat, zei Samsung-ceo BK Yoon tijdens een keynotespeech, komen we snel terecht in het soort hoogtechnologische toekomst die nog maar dertig jaar geleden in sciencefictionfilms werd voorspeld. Hij nam zelf de film 'Back to the Future Part II' uit 1989 als voorbeeld: sommige snufjes uit die prent, zoals videoconferencing en multiscreen, bestaan ondertussen allang, en het internet der dingen maakt ook de gekkere innovaties uit dat soort films mogelijk. "Het is geen 'science fiction' meer: het is 'science fact'".