Janssen: "Ik heb nooit over geheugenverlies gesproken"
Bij de start van de zitting probeerde voorzitter Jordens vandaag nog eens tevergeefs om Ronald Janssen de waarheid te doen spreken. Jordens vroeg waarom hij tegen alle geneesheren, psychiaters en psychologen nooit melding maakte van zijn rugpijn. En daarna haalde Jordens het geveinsde geheugenverlies aan bij Janssen. "Ik heb nooit over geheugenverlies gesproken. Ik was toen behoorlijk geagiteerd bij het afleggen van de geheugentest", antwoordde Janssen.
"U zei dat uw rugpijn zo erg is dat u een paar dagen niet recht kon", zei voorzitter Jordens tegen Janssen. "Ik stond daar toen niet bij stil", was het antwoord van een opgejaagde Janssen, die voorzitter Jordens een paar keer onderbrak. "Ik zat meer naar het psychische te zoeken en dan ga je toch niet over rugklachten beginnen. Het is wat het is. Ik heb er geen last van, tenzij het doorbreekt. Ik ging soms met mensen hout zagen. Ik heb die rugpijn een keer of vijf, zes gehad. Dan heb ik dat zeer ernstig en lig ik plat".
Verduidelijking
"Mag ik dan nu zeggen wat ik vrijdag wilde zeggen? Ik mag nooit een verduidelijking geven. Ik was in de war. Ik heb beelden verzonnen. Ik heb dat meermaals gezegd. Mijn verklaringen kan ik perfect herhalen, maar die zijn allemaal verzonnen. Ik heb een hoop onzin verteld. Nu verklaar ik alleen dingen waar ik zeker van ben", waarna Janssen nog eens zijn verklaringen vanop de zitting herhaalde.
"Poepeloerenzat"
"Bij Annick was ik 'poepeloerenzat' en 's morgens werd ik wakker naast haar. Bij Shana en Kevin heb ik het verteld zoals het in elkaar zit. Ik heb toch een volledig beeld", aldus Janssen, die op zijn tenen getrapt leek.
Na de uitleg van Janssen deden twee Leuvense speurders, André Allard en Marc Flamig, hun moraliteitsverslag over Annick Van Uytsel, het eerste slachtoffer van Janssen. Ze omschreven Annick als een vriendelijk, behulpzaam, goedlachs meisje. (belga/sg)