Transport gevaarlijke stoffen: BBL pleit voor uitbreiding regelgeving
De regelgeving voor een veilig transport van gevaarlijke stoffen beperkt zich in Vlaanderen tot een minimale omzetting van de Europese regels. Dat zegt de Bond Beter Leefmilieu (BBL), verwijzend naar een vergelijkend onderzoek uit 2009 naar het transport van gevaarlijke stoffen in Nederland en Vlaanderen.
"Voor transport van gevaarlijke stoffen werd daardoor gefocust op regels voor de veiligheid van de voertuigen zelf", aldus Erik Grietens (BBL). "In Nederland is er ook aandacht voor de veiligheid van de omgeving waar de transporten passeren. Zo werkt Nederland aan een basisnet voor vervoer van gevaarlijke stoffen. In de gevarenzone rond de verbindingen mogen geen nieuwe woningen, scholen, kantoren of winkels worden gebouwd. Ook in dichtbevolkte ruimtelijke wanorde in Vlaanderen is een dergelijk beleid gericht op de veiligheid van de omgeving noodzakelijk."
Grietens wijst op een Nederlands wetsvoorstel, dat in een finale fase zit, om een nationaal basisnet voor vervoer van gevaarlijke stoffen in te stellen.
Rapport
Verder hebben transporteurs in Nederland onder meer een registratieplicht voor vervoer van gevaarlijke stoffen. Voor de gevaarlijke stoffen die in Nederland het meest vervoerd worden (LPG, ammoniak en chloor) wordt gewerkt met ketenstudies, waarbij de risico's in heel de keten wordt onderzocht.
De BBL verwijst naar het rapport 'Grensoverschrijdende afstemming vervoer gevaarlijke stoffen. Analyse van beleidspraktijken in Vlaanderen en Nederland', uitgegeven voor de Rijn Schelde Delta, waarin geadviseerd wordt om ook in Vlaanderen een verdergaand beleid uit te werken.