EU waarschuwt België voor verlies concurrentiekracht
België zag zijn goede internationale concurrentiepositie tijdens de crisisjaren afkalven omdat zijn export van middel- en laagtechnologische goederen schade ondervond van meer competitieve lagekostenlanden. Om zijn concurrentiepositie te herstellen, moet België meer inzetten op innovatie en de "mismatch" op de arbeidsmarkt verder aanpakken. Die (niet nieuwe) analyse van de Belgische industrie maakt de Europese Commissie, in haar jaarlijkse verslag van het industrieel concurrentievermogen in de EU.
Met de groeistrategie 'Europa 2020' neemt de EU zich voor om het aandeel van de industrie in haar bbp op te trekken tot 20 procent. Dat er nog heel wat werk aan de winkel is, blijkt ook woensdag weer. Bedroeg het aandeel vorig jaar nog 15,5 procent, dan zakte dat afgelopen zomer terug tot 15,1 procent.
In België bedroeg het aandeel eind 2012 13,3 procent - onder het Europese gemiddelde dus. De Commissie raadt meteen een aantal maatregelen aan om met name de lage productiviteitsgroei aan te pakken. Zo zouden infrastructuurwerken om de files - "een zware last voor de Belgische economie" - te verminderen "zeer voordelig" uitpakken.
Meer inzetten op innovatie
Andere prioriteiten die de Commissie naar voren schuift, zijn een grotere inzet op innovatie en de aanpak van de bestaande wanverhouding tussen de vaardigheden van werklozen en de openstaande vacatures ("skills mismatch"). De Commissie stipt ook aan dat het aantal jongeren dat afstudeert met een diploma in de wetenschappen, de wiskunde en het ingenieurswezen of dat een technologische vorming afrondt, lager ligt dan gemiddeld in de EU.
Op Europees niveau schuift de Commissie met name de hoge energieprijzen naar voren als "een groot probleem voor de industrie". Buiten de Baltische staten Estland, Letland en Litouwen en Polen, Roemenië en Slovakije kon geen enkele Europese lidstaat al opnieuw aanknopen met het niveau van zijn industriële output van voor de crisis.
In februari 2014 zullen de Europese staats- en regeringsleiders tijdens een Europese top overleg plegen over het versterken van de industrie.