Werkloosheidsgraad in Vlaanderen licht gedaald in maart
Eind maart was 6,64 procent van de Vlaamse beroepsbevolking werkzoekend. Dat is een lichte daling in vergelijking met februari, toen de werkloosheidsgraad 6,84 procent bedroeg. In maart 2011 bedroeg de werkloosheidsgraad 6,57 procent. De nieuwe cijfers zijn bekendgemaakt door Vlaams minister van Werk Philippe Muyters.
In totaal telt Vlaanderen 195.978 niet-werkende werkzoekenden. In vergelijking met maart 2011 is dat een stijging met 1,7 procent, maar dat heeft vooral te maken met de nieuwe manier waarop uitzendarbeid wordt berekend.
Sinds begin dit jaar worden uitzendkrachten pas in de statistieken opgenomen wanneer ze minstens tien dagen op 28 hebben gewerkt. Vroeger was dit al vanaf de eerste dag. Door die nieuwe berekening staan er nu 5.920 werkzoekenden extra in de statistieken. Vooral bij de jongeren in beroepsinschakelingstijd laat die nieuwe berekeningswijze zich zien met een stijging van 12,3 procent.
De jeugdwerkloosheid (jonger dan 25) is tussen maart 2011 en maart 2012 met 5,6 procent gestegen. Dat is deels te verklaren door de tragere uitschrijving van de uitzendkrachten, maar deels ook door de economische terugval.
De 50-plussers laten een daling van de werkloosheidsgraad noteren van 2,4 procent. Vooral de categorie 50 tot 55 is daarvoor verantwoordelijk, met een daling van 6,7 procent.