België hoog maar stabiel op 'Big Mac'-index
Ierland is er het voorbije anderhalf jaar het best in geslaagd om de inflatie onder controle te krijgen. Ook ons land houdt de prijsstijgingen onder het Europese gemiddelde. Dat is de conclusie van de Europese denktank Bruegel op basis van de Big Mac-index van het magazine The Economist, een prijsvergelijking van de bekende McDonald's-hamburger in verschillende landen.
De denktank Bruegel analyseert de recenste Big Mac-index in een blogbijdrage, geciteerd door de website van de krant De Standaard. De Big Mac-index werd in 1986 bedacht door het blad The Economist. De index vergelijkt de levensduurte in verschillende landen aan de hand van een product dat overal hetzelfde is: de Big Mac-hamburger van McDonald's. De index heeft als voordeel dat de resultaten voor veel mensen te begrijpen zijn en dat de trends die eruit voortvloeien bovendien steeds vrij accuraat zijn.
Bruegel vergelijkt nu de cijfers van midden 2011 met die van januari 2013. Daaruit blijkt dat ons land één van de duurste van de eurozone is om een Big Mac te kopen. Toch zijn de resultaten eigenlijk relatief goed voor België, omdat ook blijkt dat er nauwelijks een prijsstijging was. Dat betekent dat de inflatie redelijk goed onder controle is. Ierland doet het op dat vlak het beste met een absolute prijsdaling van 3,8 naar 3,5 euro.
Italië zorgenkind
Italië is het zorgenkind op basis van de Big Mac-index. Een hamburger kost er nu 5,7 procent meer dan in Duitsland. De sterke prijsstijging leidde ertoe dat Italië nu het duurste land is voor Big Macs in Europa. Inflatie dus, en dat lijkt bevestigd te worden door andere Europese cijfers. "Hervormingen van de arbeidsmarkt die zich niet vertalen in lagere marktprijzen voor producten zijn erg nadelig voor consumenten en weerhouden de economie ervan om sterker te worden op vlak van export. Italië moet het juiste beleid voeren om de hoge inflatie aan te pakken", klinkt het nog bij Bruegel.