Kip eten als tiener = minder kans op darmkanker
Welk vlees je eet als tiener, heeft een invloed op de kans om darm- en rectumkanker te ontwikkelen als volwassene. Dat kon afgeleid worden na een studie bij 20.000 vrouwen aan de Harvard University School of Public Health. Toch moet de studie met een korreltje zout genomen worden, want ze is gebaseerd op zelfrapportage over consumptie uit het verleden.
De gegevens van 20.000 vrouwen die meedoen aan een langetermijnstudie, begonnen in de late jaren '90, werden verzameld. Van bij het begin moesten de vrouwen de details van hun eetgewoonten uit de kinder- en pubertijd opschrijven.
Vervolgens werd regelmatig onderzocht wie adenomen ontwikkelde, goedaardige gezwellen die kunnen evolueren naar kankergezwellen.
Kip, vlees en vis
Wie regelmatig kip at, at 20 procent minder kans op darmkanker en 50 procent minder kans op rectumkanker. Wie het meest kip at, had dus ook het minste kans.
Rood vlees wordt dan weer vaak gezien als risicofactor, voornamelijk bij darmkanker. In deze studie was dat niet zichtbaar: wie het meest rood vlees at, had niet meer kans om de kankers te ontwikkelen, dan wie er weinig at. Vis bleek niet te beschermen tegen deze kankers.
De reden dat de vleeskeuze bij tieners wordt bekeken voor een risico op latere leeftijd, is dat darmkanker zich traag ontwikkelt.
Waarom precies kip zou beschermen tegen darmkanker is niet duidelijk. "Er is geen onmiddellijke plausibele verklaring voor het effect. Misschien is de levensstijl van wie vaak kip eet gezonder."
De wetenschappers sluiten niet uit dat het effect vertekend is door het geheugeneffect. De vrouwen werd immers gevraagd te schatten wat ze vele jaren daarvoor aten, wat nooit echt betrouwbare data oplevert.
Het is dus mogelijk dat het om een schijnverband gaat en dat niet de kipconsumptie op zich, maar een andere factor, het risico beperkt. Verder onderzoek zal dat hopelijk uitwijzen.