Vier looptips om je buikvet weg te werken
Het is een gekend probleem: je bent al een tijdje aan het sporten, je eet juist, maar dat koppige buikvet wil maar niet verdwijnen. Hoog tijd om een extra wapen in te zetten: joggen, maar op een andere manier. Wij leren je hoe het moet.
1. Versnel je looppas
Het is bewezen dat je met een intervaltraining je buikvet beter kan verminderen en een boost geeft aan je metabolisme. In plaats van altijd op hetzelfde tempo te rennen, is het dus een goed idee om je snelheid te variëren. Drijf je lichaam eerst tot het maximum, waarna je rustigere momenten inlast om te herstellen.
2. Ga wat langer door
Helaas kan je niet zelf beslissen waar je het vet weg wil, dus moet je je algemene lichaamsvet doen dalen. De enige manier om dat te doen is door het verbranden van calorieën, en dat gaat beter als je je workout verlengt. Gedurende 5 minuten lopen aan een snelheid van 9 à 10 kilometer per uur doet je ongeveer 45 calorieën verbranden. Denk daaraan als je nog eens gaat lopen, dat zal je motiveren om het wat langer te doen.
3. Knieën in de lucht
Als je buikvet weg is, dan is het de bedoeling dat je gespierde buikspieren kunt laten zien. Een goede manier om je romp te versterken is op de volgende manier: loop een minuut gewoon, afgewisseld met een minuut met je knieën in de lucht. Concentreer je daarbij vooral op het gebruik van je buikspieren (in plaats van je beenspieren) om je knieën zo hoog mogelijk te krijgen.
4. Op de loopband
Een andere manier om je buikvet aan te pakken, is met een speciale routine op de loopband. Stel de snelheid in op ongeveer 1,5 kilometer per uur. Plaats je voeten op een springkast (of Plyo Box), die ongeveer 60 centimeter achter de loopband staat. Zet je lichaam in pomppositie met je handen op de loopband en begin te lopen met je handen, terwijl je je romp in een rechte lijn houdt (zoals hier). Doe dit gedurende een minuut.