Het digitale schavot: duim omhoog, duim omlaag, vonnis geveld
Als AI meer en meer als een mens leert schrijven, gaan wij op zoek naar wat een machine niet kan imiteren: ziel. Je kunt aan ChatGPT veel vragen, maar de ‘hartslag van Vlaanderen’ vind je alleen bij HLN. We noemen het intern wel eens superhuman journalism. Journalistiek die ruikt, voelt, en leeft.
We vragen onze journalisten en onze geïnterviewden om hun harnas af te leggen. Op Facebook of Instagram voelt de wereld, met dank aan AI en Mark Zuckerberg, al plastic genoeg. Authenticiteit is waar we het verschil maken. Met journalisten die ‘hun botten aantrekken’ en daar gaan waar het nieuws hen brengt. Collega Sabine Vermeiren bedacht er nog een andere mooie term voor: zintuiglijke journalistiek. Die niet alleen omschrijft wat je ziet, maar ook wat er te voelen, ruiken en horen is.
Ook van geïnterviewden verwachten we dat ze zonder pantser het gesprek aangaan. We willen lezers open en eerlijke, onverbloemde getuigenissen bieden, van mensen die in het eigen hart laten kijken. Liefst in beeld, met naam en toenaam. In tijden waarin er op sociale media al zoveel nepnieuws rondgaat, helpt elk element dat die echtheid kan onderstrepen. Dat soort openheid komt niet vanzelf. Het is vaak alleen omdat onze journalisten zo veel vertrouwen weten op te bouwen dat mensen die stap durven te zetten.
Maar hoe bescherm je mensen die - op onze vraag - hun pantser afleggen tegen de pijlen van de buitenwereld? Dat die hard kunnen raken, merkten we bij het verhaal dat Etienne op 12 oktober 2025 aan HLN deed. De 71-jarige man had voor een special over geldzaken een wel heel opmerkelijke vraag ingestuurd: ‘Ik ben getrouwd met mijn schoondochter. Haar kinderen zijn dus mijn kleinkinderen, en wij willen weten hoe dat met de erfenis zit.’ Ja, lees die zin gerust nog een keer. Het staat er echt. Dus pluisden onze geldspecialisten zijn vraag uit, maar we waren vooral nog nieuwsgieriger naar zijn verhaal. Dat het op zijn zachtst gezegd een bijzondere levenskeuze is, dat ging Etienne niet uit de weg. Evenmin als alle vragen van onze journalist.
Wat volgde, was een botsing tussen die menselijke openheid en de digitale hardheid. Vooral de commentsectie op Facebook veranderde in een Romeinse arena. Duim omhoog, duim omlaag. Vonnis geveld. Ook al hadden velen het stuk maar half gelezen. Uiteindelijk hebben we de comments onder de post uitgeschakeld. We willen een platform zijn voor debat, geen schavot.
De reacties bij het verhaal van Etienne waren feller dan meestal, maar een uitzondering zijn ze niet. Dat geldt ook voor journalisten die zich in een column of opiniestuk blootgeven. Als hoofdredacteur vraag ik dat ze standpunten innemen die tot nadenken stemmen. Frank en vrij. Ook als dat soms tegen de haren strijkt. Uiteraard zijn journalisten bereid die mening te verdedigen en te ondersteunen. Soms doen ze dat in debatprogramma’s. Nog veel vaker een-op-een, wanneer lezers een mail sturen met opmerkingen of vragen. Helaas gebeurt het ook steeds vaker dat het meer naar digitale stalking neigt. Wanneer scheldtirades in de berichtenbox van je persoonlijke Instagram-account terechtkomen. Of wanneer een belangengroep je nummer of mailadres publiek maakt en oproept om je massaal een bericht te sturen.
Het is wellicht het moeilijkste evenwicht dat ik vandaag als hoofdredacteur moet bewaken. We móéten die menselijkheid blijven opzoeken. Maar dat brengt de plicht met zich mee om iedereen die die stap zet, journalist of getuige, beter dan ooit te omkaderen. We vragen hen om zonder pantser de wereld tegemoet te treden, dus is het aan ons om waar nodig dat schild te zijn. Hard en scherp als het over journalistiek en invalshoeken gaat. Maar zacht voor de mensen achter die verhalen.