Iraaks leger doodt honderden IS-strijders bij tegenoffensief
In de Iraakse provincie Anbar, die nog grotendeels in handen is van Islamitische Staat (IS), heeft het leger een succesvol tegenoffensief gelanceerd. Met luchtsteun werden de voorbije dagen zeker 250 IS-strijders gedood.
IS nam vorige week grote delen van de stad Ramadi in. Het controleert ook nog altijd grotendeels de rest van de westelijke provincie Anbar. Toch boekt het Iraakse leger nu eindelijk weer wat successen. In de voorbije dagen werd de opmars van IS gestuit. Bij die gevechten kwamen zeker 250 IS-strijders om het leven. De Iraakse troepen kregen dekking van helikopters en de bombardementen van de internationale coalitie.
Dankzij de opmars van het leger is de paniek in de stad Ramadi ook wat weggeëbd. In de voorbije 10 dagen vluchtten daar ruim 100.000 burgers voor het IS-geweld. Ook 5.000 politieagenten verlieten in paniek de stad, waardoor er nog zowat 1.000 overbleven om de hele stad te beschermen. Nu zouden er ongeveer 2.500 agenten zijn teruggekeerd naar Ramadi.
De humanitaire situatie in de streek blijft precair. Ook heel wat burgers die richting Bagdad vluchten, moeten rechtsomkeert maken omdat ze daar niet binnen mogen. Wie geen lokale contactpersoon heeft, wordt er weer weggestuurd. De hevige gevechten zorgen er ook voor dat duizenden burgers geblokkeerd zitten in de provincie Anbar. Bovendien is er nog maar één ziekenhuis in de regio dat onder controle is van de Iraakse overheid.