Europese luchtkwaliteit verbetert, maar doel voor 2030 is nog ver weg
De luchtkwaliteit in Europa verbetert, maar er zijn inspanningen nodig om de doelstellingen van de Europese Unie voor 2030 te halen. Dat blijkt uit het jaarverslag van het Europese Milieuagentschap (EEA) dat vandaag is gepubliceerd.
“De EU-normen zijn in de meeste regio’s van Europa over het algemeen nageleefd wat betreft fijn stof (PM2,5) en stikstofoxide (NOx)”, zo schrijft het EEA in een persbericht. Tegelijk zit de luchtvervuiling op 20 procent van de meetstations nog boven de geldende normen, met name wat betreft fijn stof met diameter kleiner dan 10 micrometer (PM10), troposferisch ozon (O3) en benzo(a)pyreen (BaP).
De analyse van het EEA heeft betrekking op 39 Europese landen, waaronder de 27 lidstaten van de Europese Unie (EU) en 12 landen die verbonden zijn aan het agentschap, zoals onder meer Zwitserland, Noorwegen en Turkije.
Stappenplan
Het agentschap waarschuwt dat de EU-lidstaten een stappenplan moeten uitvoeren om de in 2024 vastgelegde luchtkwaliteitsnormen voor 2030 te kunnen halen.
“Voor de meeste verontreinigende stoffen is de kloof ten opzichte van de doelstelling voor 2030 nog aanzienlijk en zullen er waarschijnlijk aanvullende maatregelen nodig zijn”, benadrukt het EEA, dat vooral aandringt op bijkomende inspanningen op het vlak van fijn stof.
Maar dat soort maatregelen ligt politiek vaak moeilijk, denk maar aan de discussies over de lage-emissiezones.
Aanbevelingen Wereldgezondheidsorganisatie
De EU-doelstellingen voor 2030 blijven bovendien nog achter bij de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), die in 2021 zijn bijgewerkt.
Het Europese agentschap wijst bovendien op het uitblijven van significante vooruitgang op het gebied van troposferisch ozon. Dat niveau is “niet significant afgenomen” en in 2023 was ozonvervuiling in de EU goed voor 63.000 overlijdens.
Het agentschap is van mening dat maatregelen op lokaal en op nationaal niveau “mogelijk niet voldoende zijn”, aangezien ozon zich over grote afstanden kan verplaatsen. “Een effectieve vermindering vraagt een versterkte Europese en internationale samenwerking om grensoverschrijdende luchtverrontreiniging tegen te gaan”, aldus het agentschap