Samsung Galaxy S21 review: identiteitscrisis door concurrentie en eigen keuzes
Met een lanceringsprijs die lager ligt dan zijn voorganger wil Samsung met de Galaxy S21 consumenten voor zich winnen. Vooral diegenen die in het verleden Samsung links lieten liggen, moet het prijskaartje van 749 euro overtuigen. Alleen, er is erg weinig om die prijs te verantwoorden. Zeker als je kijkt naar de concurrentie.
Samsung doet met de S21 waar het goed in is. Een smartphone afleveren met een goede batterij, software die zo vlot werkt dat het aanvoelt alsof het besturingssysteem op een klontje boter ligt en een camera waar menig Instagram fotograaf tevreden van wordt. Wie in het verleden al een smartphone van Samsung in huis haalde en geen duizend euro wil neerleggen, is met de S21 goed af. Je krijgt dan wel niet de allerlaatste én beste snufjes, daarvoor moet je bij de S21 Ultra zijn, maar de ‘gewone’ S21 is voor de doorsnee Samsung-gebruiker goed genoeg. Aangezien je niet het beste van het beste krijgt, doet Samsung een toegeving in de prijs. Met een adviesprijs van 849 euro gaat hij 50 euro goedkoper over de toonbank dan zijn voorganger. Een strategische zet van Samsung om nieuwe consumenten voor zich te winnen nu Huawei steeds meer van het toneel verdwijnt. Waar het Chinese bedrijf tot voor kort nog in de top 3 stond van meest verkochte smartphones wereldwijd, tuimelt Huawei nu uit de top 5. Concurrenten vechten om die potentiële nieuwe klanten, en Samsung hoopt met de prijsverlaging zijn marktaandeel op te krikken. Het probleem: Samsung biedt met de S21 erg weinig meerwaarde tegenover de concurrentie die vaak nog enkele honderden euro’s onder de verkoopprijs van de S21 durven gaan.