Waarom tyfoons zo vaak de Filipijnen treffen
De Filipijnen worden geteisterd door de zwaarste storm van het afgelopen jaar. Honderdduizenden inwoners zijn geëvacueerd en schuilen voor supertyfoon Haiyan. De Filipijnse eilanden worden zeer regelmatig getroffen door tropische stormen, hoe kan dat?
De Filipijnen behoren tot de landen die wereldwijd het meest getroffen worden door natuurrampen zoals aardbevingen, overstromingen en wervelstormen. Jaarlijks razen er zo'n twintig tyfoons over de Filipijnen. Dat komt doordat de Filipijnen op een actieve aanvoerroute van tyfoons liggen, die vanuit de eilanden in de Grote Oceaan naar Azië trekken.
Warm tropisch water
Een tyfoon is niets anders dan de Aziatische benaming voor een orkaan, legt Weeronline.nl uit. Het is een tropische storm die boven het water van de Grote Oceaan ontstaat. Tyfoons ontstaan uit een groot gebied met samengesmolten onweersbuien vanaf de tropen en hebben warm tropisch water nodig om zich te kunnen ontwikkelen. De temperatuur van het zeewater moet meer dan 27 graden zijn. Het water in het verre oosten bereikt in de zomer vaak temperaturen rond de 30 graden. Het warme water zorgt voor extra voeding van onderaf, waardoor zulke complexen soms uitgroeien tot een orkaan.
De storm Haiyan geldt als een van de gevaarlijkste tyfoons van de afgelopen tien jaar. Inmiddels zijn al windsnelheden van 300 kilometer per uur gemeten. Door de harde wind ontstaan golven van zeker vijf meter hoog, maar gewaarschuwd wordt voor golven van maximaal vijftien meter hoog.
De supertyfoon Haiyan staat in de Filipijnen bekend als Yolanda. De beginletter van de naam geeft het nummer van de tyfoon aan, dat wil zeggen dat Yolanda al de 25ste tropische storm is die over het land raast. De naam Haiyan is vastgesteld door de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO). Alle orkaannamen worden door de WMO op alfabetische volgorde benaamd volgens een vooraf opgesteld schema.
Weerbaarheid van inwoners
De Filipijnen bestaat uit meer dan 7.000 eilanden en heeft meer dan 98 miljoen inwoners. Het grootste deel van de inwoners woont buiten de hoofdstad Manilla. Op veel eilanden van de Filipijnen wordt al jaren gewerkt aan projecten om de weerbaarheid van inwoners tegen natuurrampen te verhogen. Een groot probleem onder de bevolking was lange tijd de gebrekkige voorbereiding. Dat lijkt nu beter te zijn, het aantal slachtoffers valt tot nu toe mee.
Een ander probleem in het land is de ontbossing. Door houtkap en mijnbouw zijn veel hellingen kaal, waardoor bij een storm of hevige regenval veel sneller landverschuivingen en modderstromen ontstaan. Ook de kap van mangrovebossen aan de kust voor de garnalenteelt leidt tot grotere schade bij rampen. Die bossen vormen een natuurlijke buffer tegen de zee.