VN gaat bedreigde diersoorten beter beschermen
In september werd voor de eerste keer tijdens de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties gesproken over wildlife crime, het doden, mishandelen of verhandelen van bedreigde diersoorten. Vorige maand tijdens de VN-bijeenkomst over Transnationale Georganiseerde Misdaad werd de illegale handel in (producten van) bedreigde dieren zelfs eindelijk erkend als een nieuwe vorm van internationale misdaad die strenger aangepakt moet worden.
Tijdens de 67e jaarlijkse bijeenkomst in New York benadrukten de wereldleiders dat stroperij en de illegale handel in bedreigde soorten de rechtsstaat evenzeer bedreigt als corruptie en drugshandel.
De president van Gabon, Ali Bongo, stelde dat het land zijn juridisch systeem zal versterken om dit fenomeen te bestrijden. Maar daar is volgens de president een sterkere internationale samenwerking voor nodig. Ook Frankrijk benadrukte de ernst en de negatieve gevolgen van deze misdaden tegen de natuur.
Ernstig misdrijf
De uitspraak van de VN is volgens het Wereld Natuur Fonds erg belangrijk. Georganiseerde misdaad bedreigt diersoorten als de tijger, neushoorn en olifant met uitsterven. Toch wordt het binnen veel regeringen nog niet beschouwd als een ernstig misdrijf.
Ook tijdens een bijeenkomst van de United Nations Convention against Transnational Organized Crime stond wildlife crime op de agenda. De United Nations Office on Drugs and Crime (UNODC) benoemde de geraffineerde technieken die worden gebruikt door wildlife smokkelaars en de relatie tussen wildlife crime en andere georganiseerde misdaad waarbij sprake is van veel geweld en corruptie. Al deze vormen van transnationale georganiseerde misdaad hebben grote invloed op stabiliteit en veiligheid. Daarom werd er een resolutie aangenomen voor het versterken van nationale wetten om wildlife crime tegen te gaan.