"Redding Britse banken kan Londen 66 miljard pond kosten"
De Britse staat zal het geld dat het in de redding van Royal Bank of Scotland en Llyods Banking Group pompte, mogelijk nooit kunnen recupereren. Zo heeft de parlementaire commissie gewaarschuwd. Londen pompte in 2008 66 miljard pond (nu 82 miljard euro) in de twee grootbanken om ze van de ondergang te redden.
De parlementaire commissie Openbare Financiën kaarte ook fouten aan bij de redding van Northern Rock in 2007-2008. Die bank was een van de eerste die ten onderging tijdens de financiële crisis, maar de redding duurde volgens de commissie te lang. Klanten van Northern Rock schoven destijds aan om hun geld weg te halen bij de bank, een zogenaamde 'run op de bank'.
"De 66 miljard pond (uitgegeven op het toppunt van de crisis in 2008 door de Labour-regering) die uitgegeven werd om aandelen van RBS en Lloyds op te kopen, zal mogelijk nooit gerecupereerd kunnen worden en het ministerie van Financiën moet er zich ook van verzekeren dat het voorbereid is om nieuwe crisissen te beheersen", luidde het commissierapport.
Het Verenigd Koninkrijk heeft nu 81% van RBS en 39,6% van Lloyds in handen.
In het zeer kritische rapport beschuldigt de commissie het ministerie van Financiën ervan deelgenomen te hebben aan "een monumentaal collectief faillissement" omdat het niet bij machte was "te begrijpen hoe de boom van de banksector voor de crisis zou kunnen leiden tot een bankencrisis".