'Assassin's Creed: Freedom Cry' grijpt u bij het nekvel
Bevrijde slaaf en piraat Adéwalé, het sympathiekste nevenpersonage in 'Assassin's Creed IV: Black Flag', krijgt met 'Freedom Cry' zijn eigen game. De ongeveer vijf uur durende downloadbare uitbreiding voor 'Assassin's Creed IV' verlaat min of meer de piraterijsetting, om in te zoomen op een gedurfd historisch thema: de internationale slavenhandel tussen Afrika en het Caraïbisch gebied tijdens de vroege achttiende eeuw.
Tegen het einde van 'Freedom Cry', een ongeveer vijf uur durende minicampagne die eigenaars van 'Assassin's Creed IV: Black Flag' voor ongeveer 10 euro kunnen downloaden, hebt u een van de memorabelste videogame-momenten van dit jaar achter de kiezen. De scène aan boord van een slavenschip (en meer details geven we écht niet) bewijst opnieuw dat videogames een krachtig vertelmedium zijn geworden, door de speler niet als toeschouwer maar als deelnemer te droppen in zo'n gruwelijk pakkend tafereel als hetgene wat u in deze game meemaakt.
En de rest van de game, die valt ook wel mee. 'Freedom Cry' haalt de bevrijde slaaf en piraat Adéwalé, uw eerste stuurman uit 'Assassin's Creed IV: Black Flag', naar het voorplan, in een verhaal dat zich een tiental jaar na dat van de 'grote' game afspeelt, en u temidden van de Marron-slavenopstand in het vroeg-achttiende-eeuwse Saint-Domingue (het huidige Haïti) brengt. Slavernij is een loodzwaar historisch thema om aan te pakken in een videogame, maar de schrijvers van 'Freedom Cry' (dezelfde die van het verhaal van 'Assassin's Creed IV' een sympathiek rommeltje maakten) vertellen het met sereniteit en waarheid. Dat komt niet alleen boven in die vreselijke gebeurtenis tegen het einde van de game, maar ook de dialogen (Adéwalé helpt de Marron-opstandelingen en een bordeelhoudster gedurende negen missies, die telkens zowel historisch als emotioneel goed worden gekaderd tijdens niet-speelbare scènes) en kleinere taferelen (zoals degene waarbij u een gewonde slaaf naar een veilige plek draagt) grijpen u bij het nekvel.
Dat laatste kan - driewerf helaas - ook worden gezegd over de gameplay. Uw vrijheid als speler die zo compleet was in de hoofdgame, en die zelfs in de titel van deze uitbreiding zit, wordt op verscheidene vlakken aan banden gelegd in 'Freedom Cry'. Ongeveer een derde van de actie in deze game gebeurt op zee, maar het gebied dat u kunt bereiken is beperkt tot Saint-Domingue en een atol of twee dat toevallig in de buurt ligt. De kaart is minder dan een vierde van die van 'Black Flag'. Hetzelfde geldt voor het upgradesysteem: u kunt uitbreidingen voor uw schip en betere wapens voor de lijf-aan-lijfgevechten kopen, maar de reikwijdte van die upgrades is zo beperkt dat u de game in de zonet genoemde vijf uur waarlijk kapot hebt gespeeld. Tegen de tijd dat u de laatste missies aanvat, is uw schip quasi onoverwinnelijk geworden.
In zijn eerste en tweede bedrijf is 'Freedom Cry' beslist een pittige game, die eigenlijk alleen geschikt is voor spelers die bedreven zijn in 'Assassin's Creed IV' of - beter nog - die game hebben uitgespeeld. Een paar sluipmissies zullen u binnensmonds doen vloeken, net als de zeeaanval op een slavenkonvooi in het begin van de game. Maar voor de rest is het gewoon een staalkaart van de verschillende registers die 'Black Flag' ook al opentrok. Er zijn dus dingen in 'Freedom Cry' (met - voor een laatste keer - die scène in dat slavenschip voorop) die beslist in uw geheugen gegrift zullen blijven, maar het merendeel van de game voelt hemeltergend lineair en gerecycleerd aan.