Is nieuwe 'Star Fox' meer dan een fonkelende brok nostalgie?
Hoera, ‘Star Fox’ is terug! Nostalgische euforie borrelde op bij veel gamers toen deze Switch 2-remake onlangs werd aangekondigd. Het oorspronkelijke Nintendo 64-spel ‘Star Fox 64’, dat in onze contreien ‘Lylat Wars’ heette, dateert van 1997, en dat voel je ook aan deze remake. Top voor de nostalgici, maar is deze revamp ook plezant voor nieuwkomers? James, de controller!
KIJK. De trailer ademt een sterke ‘Star Wars’-sfeer uit
Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: ik heb de oorspronkelijke game nooit gespeeld, dus die nostalgie gaat grotendeels aan me voorbij. Ik ben bovendien een koele minnaar van railshooters. Die spelmechaniek betekent dat je in een ruimtetuig automatisch vooruit vliegt terwijl je overal schorremorrie moet afknallen. Dat doe je in de gedaante van Fox McCloud, een van de gevechtspiloten van team Star Fox. De missie? Maar liefst een heel sterrenstelsel bevrijden van een geniale gek.
In het leeuwendeel van de game vlieg je dus rond terwijl je van ‘piew piew piew’ doet als een bezetene. De besturing is responsief, al was het tof geweest om de gevoeligheid te kunnen aanpassen. Dit is zo’n game die simpel lijkt, maar toch verrekt lastig blijkt om echt in de vingers te krijgen - ik heb me heel uitzonderlijk zelfs laten verleiden om in de gemakkelijke modus te spelen. Maar oefening baart kunst, en het spel daagt je ook uit om alles vaak opnieuw te spelen, meer levels en alternatieve routes vrij te spelen en zo steeds beter te worden.
Dat geeft best wel voldoening, wanneer je spiergeheugen wakker wordt, en je met een snelle ‘barrel roll’ een aanval ontwijkt en met scherpe bochten net op de juiste positie komt om een pestkop op zijn plaats te zetten. Met projectielen die een doelwit volgen en de krachtige bommen die je beperkt kan afvuren, krijg je ook best afwisselende gameplay voor zo’n ‘oude’ game. Toch is het soms ook niet meteen duidelijk wat de game van je verwacht, zeker bij baasgevechten, wat kan leiden tot frustratie.
Beeld en geluid
De graphics en het geluid hebben natuurlijk een flinke schop onder hun kont gekregen. De spelwerelden zien er prima uit, en ook op het handheldscherm kan je zelfs in hectische situaties vijanden vrij goed onderscheiden van de omgeving. De animaties in de tussenfilmpjes zijn dik oké, en aan die cutscenes zit ook meer vlees dan vroeger. Ze geven een tikkeltje context aan het verhaal, dat weliswaar toch maar heel summier verteld wordt naar hedendaagse normen. Maar wat wil je, voor een game waarvan je het verhaal in ruim anderhalf à drie uur uitspeelt? Wil je alles ontgrendelen, dan ben je wel zo’n zes à zeven uur zoet.
De orkestrale remake van de originele soundtrack is van een hoog niveau en Nintendo krijgt nog een pluim omdat alle geluidsfragmenten van Nederlandse dialogen voorzien zijn, toch wel een heel verschil met het infantiele gewauwel uit bijvoorbeeld Mario-games. Spijtig genoeg voor de Vlamingen gaat het wel om vrij lijzige ‘Hollandse’ stemmen, die ik hier toch niet helemaal vind passen. Wanneer je overschakelt naar het Engels, valt op dat die stemmen eigenlijk ook wel vrij cheesy klinken, dus vermoedelijk volgden de - ongetwijfeld uitstekende - stemacteurs gewoon hun script.
Vrijheid
De gameplay is trouwens niet altijd een railshooter, maar soms kan je ook vrij rondvliegen in weliswaar beperkte arena’s. Enkele van de coolste momenten uit de game zijn confrontaties met andere gevechtsruimtetuigen in zo’n gebied, waarbij je iets meer vrijheid hebt om de boel aan te pakken.
Dogfights met scherpe bochten, Top Gun-loopings om achter je vijand te belanden of gewoonweg een bocht van 180 graden: vliegen met die ‘Arwing’ biedt me dan echt een zweem van opwinding, en een zwik vrijheid die ik wat mis bij het railshootergedeelte. En zo komen we weer bij mijn gebrek aan affectie voor die spelvorm, mogelijk omdat het gewoonweg niet te doen is om alle doelen te raken wanneer alles maar vooruit blijft gaan. Ik ben gewoon een strever die alle tegenstanders wil raken, het zal dat zijn.
Nieuwigheden
‘Star Fox’ pakt nog uit met enkele nieuwe snufjes, zoals het gebruik van een Joy-con als muis om te richten. Je kan ook in coöp spelen waarbij de ene vliegt en de andere mikt, al is het spijtig dat er geen echte splitscreen is met twee piloten.
Op multiplayervlak kan je dan weer wel in teams van vier tegen vier strijden in een beperkt speelveld, ook online en ook met computergestuurde tegen- en medestanders. Het speelt allemaal prima, maar mij kan het eerlijk gezegd niet lang boeien. Cool is nog dat je via GameShare ook samen kan spelen met vrienden die de game niet kochten, en ook dat je via GameChat kan spelen als een avatar die je bewegingen overneemt.
Het grootste minpunt is wat mij betreft de beperkte speelduur, al kan je wel proberen om een hoop uitdagingen af te vinken, onder meer in de nieuwe ‘Challenge Mode’. Dat houdt dan bijvoorbeeld in dat je alle vier grote robots in een bepaald level molt, of meerdere vijanden treft met een enkel volgschot. Goed voor de herspeelbaarheid, maar het blijft toch maar vissen in dezelfde vijver.
Besluit: 7,5/10
‘Star Fox’ zit met de ene voet in zijn roemrijke verleden en de andere in 2026. En dat is goed zo, want zo blijft de klassieke sterkte van het spel nog altijd overeind. Dankzij een meer dan cosmetische make-over kan de game met opgeheven hoofd naast hedendaagse releases staan. Maar de speelduur blijft ondanks de sterke herspeelbaarheid toch beperkt.