PlayStation 5-game Godfall is slechts glanzende lege doos
Alles in PlayStation 5-lanceringstitel Godfall glinstert zo fel dat je ervan met je ogen moet knijpen. Helaas gaat er onder dat glanzende koetswerk een game met bitter weinig substantie schuil.
Er komen nieuwe consoles uit, met een fancy nieuwe grafische technologie die superrealistische reflecties op oppervlakken toont? Ha, dachten ze ongetwijfeld bij de Californische studio Counterplay Games, dan maken we toch gewoon een game waarin letterlijk àlles – van de harnassen en wapens van het hoofdpersonage en diens vijanden tot de rijkelijk met goudstukken bestrooide decors – glinstert? Met de thirdperson-combatgame Godfall werd alles flink in de hoogglans gezet dankzij de raytracing-capaciteiten van de PlayStation 5, zo fel dat je er bijna van verblind wordt.
Het maakt van Godfall de tweede PS5-lanceringsgame – na Spider-Man: Miles Morales – die die component in de videochip van de console tot zijn recht laat komen. Maar zo’n blitse nieuwe graphics alleen maken de game natuurlijk nog niet: je moet als speler ook nog een beetje zin blijven hebben om verder te gaan, om te zien wat er achter het volgende hoekje zit. En wat dat betreft gaat Godfall vrij snel in de fout.
Solide basis
Aan het design of de constructie van de game ligt het hoegenaamd niet. De gevechten, waarbij je grote horden tegenstanders aan tripjes hakt met slagwapens, voelen bijzonder prettig, en de timing van de animaties is uitstekend. Er valt ook weinig aan te merken op de roleplayinggame-elementen die onder de actie zitten, en waarbij je constant je hoofdpersonage zijn wapentuig, harnas en vaardigheden moet bijwerken om klaar te zijn voor de steeds sterker wordende tegenstanders. Wie houdt van dat soort priegelwerk vindt wellicht wel een kluifje aan Godfall, dat op een epische manier in de diepte gaat wat zijn upgradesysteem betreft. Het systeem draait, naast de gewoonlijke componenten, op ‘Valorplates’: stalen emblemen voor op je harnas, die kunnen worden gewisseld naargelang de aard van de strijd die je aan het voeren bent.
Over dat alles valt weinig aan te merken: Godfall is, in al zijn componenten, een solide game. Maar tegelijkertijd is het ook een ellendig repetitieve titel, waarin je vooral door gangetjes loopt en tegenstanders verhakkelt. Je hebt ook constant het gevoel dat je de game al eens eerder hebt gespeeld.
Lege doos
Het fluttige fantasyverhaaltje waarop Godfall steunt, biedt daar ook al geen extra dimensie in: je speelt een ridder die de kwade goddelijke heerser Macros van de fantasywereld Aperion van de troon moet stoten. Dat is écht niet ambitieus genoeg voor een game die zichzelf een actie-rpg wil noemen. De game steunt ook op visuele motieven van dertien in een dozijn, die je al eens eerder hebt gezien in tientallen andere games, alleen met een extra laagje polijstmiddel erover. Wat overigens voor zowat àlles in Godfall geldt. Je hutst een beetje Destiny, Monster Hunter, Dark Souls en God of War bij elkaar, en je hebt een game? Zo werkt dat niet!