Yep, wij hebben al een PlayStation 5. Hier is onze allereerste indruk
Op 19 november komt de PlayStation 5 in de winkelrekken. Wij hebben inmiddels al een testmodel in onze gameroom opgesteld, en zijn het ding volop aan het testen. Onze allervroegste impressies.
We moeten nog wat tijd doorbrengen met het ding voordat we er écht iets zinnigs over kunnen vertellen, maar onze test van de PlayStation 5 is van start gegaan. Bij het uitpakken van het toestel viel meteen op: (a) wat een joekel van een apparaat het is, en (b) dat het zal vloeken met heel wat woonkamerinterieurs.
Concurrent Microsoft bleef met zijn ongeveer gelijktijdig gelanceerde Xbox Series-consoles min of meer bij het monolitische ontwerp dat gameconsoles de afgelopen twintig jaar zijn blijven aanhouden: sinds de PlayStation 2 zijn Sony’s consoles in essentie een vlakke zuil, en met de Xbox One nam ook Microsoft in 2013 dat design aan. Maar voor de PS5 koos Sony voor een radicaal verschillend ontwerp. De console heeft een soort retrofuturistisch uiterlijk, waardoor het bijvoorbeeld niet zou misstaan in de klassieke cartoonserie The Jetsons. Esthetisch valt er wel wat te zeggen voor deze aanpak, maar het toestel zal er niet bepaald in slagen om op te gaan in ieder denkbaar decor.
Duidelijker
We knippen ‘m aan, en merken meteen dat dat vlotter gaat dan bij de PlayStation 4: daar zat de aan-uitknop op een compleet onlogische plaats, terwijl die van de PS5 zich ergens bevindt waar je ‘m intuïtief gaat zoeken: onderaan het zwarte gedeelte van de bast van de console. Tout court zijn we al fan van de duidelijkheid van de console: de usb-, hdmi- en ethernetpoorten (voor respectievelijk de controller of een extern toestel, het scherm en een bedrade internetconnectie) zijn meteen zichtbaar. Opnieuw is dat een stap vooruit: bij de PS4 is het, zeven jaar na de lancering van het ding, nog altijd lastig om die verdomde usb-poorten te vinden.
Astro’s Playroom
Het heeft iedere zeven jaar weer iets magisch, zo’n nagelnieuwe gameconsole op je tv aansluiten. Alsof je fysiek de poort opentrekt naar een compleet nieuw tijdperk in gaming. En je de vorige console - de nog steeds in de winkel zijnde PlayStation 4, in dit geval, waarop we twee dagen geleden nog Watch_Dogs Legion speelden - mentaal al klasseert bij het verleden van het medium.
Het blijft voorlopig alleen bij een gevoel. Onder de bast van de PS5 zit enorm krachtige hardware, die we momenteel nog niet op de proef kunnen stellen: terwijl onze eerste ‘ware’ PS5-games onderweg zijn, moeten we het voorlopig doen met Astro’s Playroom, een nieuwe editie van PlayStation’s reeks platformgames met het inmiddels bekende witte robotje in de hoofdrol. De eenvoudige, cartooneske omgevingen halen nu niet bepaald het onderste uit de kan van de visuele hardware, maar de game laat wel al heel wat van de mogelijkheden van de vernieuwde controller zien.
De controller
De actie van Astro’s Playroom wijst je bijvoorbeeld op de mogelijkheden van de vernieuwde touchpad bovenop de controller, die veel miniemere bewegingen registreert, waardoor je er onder meer een ritssluiting mee kunt dichtdoen. De trekkers herkennen nu ook hoe diep je ze indrukt, waardoor de game veel realistischer voelt in de sequenties waar je ergens kracht tegen moet zetten: op bepaalde punten in de vroege level uit de game die we al speelden, kan Astro bijvoorbeeld veranderen in een wezentje dat zichzelf wegschiet met een veer, en daar komen die adaptive triggers goed van pas. Met de microfoon, die onder meer kan worden gebruikt om iets weg te blazen op het scherm, heeft Sony duidelijk goed gekeken naar Nintendo, dat die feature vijftien jaar geleden al in de DS-zakconsole had zitten.
En net als bij de Nintendo Switch zit er haptische feedback in de nieuwe PlayStation 5-controller, waardoor je tegendruk accurater dan ooit in je handen voelt. Duik bijvoorbeeld in het water, en je voelt het klotsen in je vingertoppen. Schaats over een ijsbaan, en je voelt het krassen van die schaats fysiek mee. Het is natuurlijk nog af te wachten in hoeverre gamemakers er gebruik van zullen maken, maar het schept nieuwe mogelijkheden qua onderdompeling in de wereld van de toekomstige games die je zult spelen. Verder valt er weinig te vertellen over de controller: hij ligt net iets beter in de hand dan die van de PlayStation 4, en heeft – behalve dan de kleur waarin hij is gemaakt - dezelfde vorm. Een antislipmateriaal aan de onderkant van de handvatten verzekert een optimale grip. De knoppen voelen prettiger dan die van de PS4-controller, en liggen ook iets verder van elkaar af.
Meer onderweg
Dat is het voorlopig. We hebben nog maar één avond doorgebracht met de PlayStation 5, en hebben dus nog veel meer te onderzoeken. De volgende dagen zullen we dieper ingaan op de gebruikersinterface en de software, vervolgen we met een volledige hardwaretest, en bespreken we ook de eerste games voor de PlayStation 5. We doen ook hetzelfde met de Xbox Series, de concurrerende console van Microsoft. Zodat je op 19 november, wanneer de toestellen bij ons in de winkels landen, een geïnformeerde aankoopbeslissing kunt nemen.