"Klimaatopwarming nog afrembaar, maar dan zijn dringende maatregelen nodig"
De klimaatopwarming met 2 graden Celsius beperken tegenover het pre-industriële peil is nog mogelijk, maar dan moeten de broeikasgassen tegen 2050 met 40 tot 70 procent worden teruggebracht, zeggen de experts van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC).
Zonder een grote en snelle wijziging in de wereldwijde energiemix - die nu nog erg afhankelijk is van steenkool, gas en olie - zal de temperatuur stijgen met 3,7 tot 4,8°C tegen 2100, stelt de intergouvernementele groep van klimaatexperts. Daardoor dreigen gletsjers sneller te smelten en weersomstandigheden, zoals hittegolven en stormen, extremer te worden.
Er moet dus meer ingezet worden op hernieuwbare energie, vinden de experts. Die omschakeling is overigens niet zo duur als gedacht, klinkt het nog. Maatregelen om de uitstoot te verminderen zouden maximaal 4 procent van de wereldwijde consumptie kosten in 2030 en 11 procent in 2100. En dan wordt nog geen rekening gehouden met de baten, zoals de verbeterde gezondheid door de hogere luchtkwaliteit.
Milieuorganisaties Greenpeace en WWF sluiten zich aan bij de conclusies van het VN-panel. "Hernieuwbare energie is niet meer te stoppen. Het wordt groter, beter en goedkoper met de dag", zegt Kaisa Kosonen van Greenpeace. De organisatie kijkt vooral naar China, dat de meeste broeikasgassen uitstoot maar ook de 'game-changer' kan zijn in de internationale klimaatpolitiek door ambitieuze en bindende doelstellingen op te leggen.
Ook WWF schaart zich achter de oproep om investeringen in duurzame, veilige en koolstofarme energiebronnen meer dan te verdrievoudigen. "Hoe langer we wachten om de klimaatverandering aan te pakken, hoe groter de uitdagingen worden", luidt het in een persbericht. "Hernieuwbare energie kan niet langer worden beschouwd als nichemarkt", zegt Stephan Singer, WWF-directeur voor het wereldwijde energiebeleid.