Deze taart is favoriet van de Paashaas - en stiekem ook van ons!
Heb je nog paaseitjes op overschot? Ideaal! Wit, puur of melk: gebruik ze als topping op deze biscuittaart en geniet van een heerlijk zoete traktatie bij de koffie. De citroenfrosting zorgt voor een frisse toets.
Wat heb je nodig? (voor 6 à 8 personen)
200 g fijne suiker
200 g bloem
6 eieren
1 tl bakpoeder
35 g gesmolten boter
snuf zout
Voor de frosting en vulling:
200 g boter, op kamertemperatuur
200 g poedersuiker
2 citroenen
200 ml slagroom
1 zakje vanillesuiker
120 g lange vingers
mix chocolade eitjes
Zo maak je het
1. Verwarm de oven voor op 180°C. Beboter een springvorm met diameter 22 cm en bestuif met bloem. Mix de eieren met suiker schuimig. Spatel er de boter, bakpoeder en snuf zout onder. Zeef er de bloem bij en meng alles goed onder elkaar. Schep het beslag in de bakvorm en zet 35 à 40 minuten in de oven.
Haal de biscuit daarna uit de vorm en laat op een rooster volledig afkoelen.
2. Klop de slagroom met de vanillesuiker stijf. Mix de boter en voeg er in delen de poedersuiker bij. Giet er het sap van 1 citroen bij en mix door.
3. Snij de biscuit door. Schep de slagroom op de onderste laag, strijk mooi uit en leg er de bovenste laag op. Bestrijk de zijkanten en de bovenkant met een dun laagje citroenfrosting. Zet 30 minuten in de koelkast. Bestrijk opnieuw met een laag frosting. Halveer de lange vingers en duw ze rondom tegen de zijkanten. Zet de taart terug 30 minuten in de koelkast.
4. Werk de taart af met de chocolade eitjes en rasp er nog wat citroenrasp over.