Waarom oudere mensen slechter slapen: indommelen lukt niet meer
Wie op latere leeftijd een duidelijk verschil merkt in slaapkwaliteit met zijn of haar jeugdjaren zou wel eens de functie om in te dommelen kunnen missen. Wetenschappers hebben immers ontdekt dat een groep hersencellen die verantwoordelijk zijn voor het afblokken van bewuste gedachten en ons toelaaten in slaap te vallen, bij het ouder worden minder goed gaan werken. Deze neuronen zouden langzaam afslijten, waardoor we op latere leeftijd vaker met slaapproblemen kampen.
Wetenschappers van de Amerikaanse Harvard Medical School, het Beth Israel Deaconess Medical Center en de Universiteit van Toronto/Sunnybrook Health Sciences Center suggereren dat ditzelfde proces te vinden is bij mensen met Alzheimer die vaak ook met slaapproblemen kampen en 's nachts onrustig zijn. "Gemiddeld slaapt een persoon van boven de 70 jaar één uur minder per nacht dan iemand van in de 20"; aldus professor Clifford Saper die het onderzoek, dat gepubliceerd werd in het vaktijdschrift Brain, leidde.
Hoewel slaapstoornissen doorgaans gelinkt worden aan een aantal gezondheidsproblemen, waaronder een verhoogde bloeddruk, cognitieve stoornissen, hart- en vaatziekten en diabetes type 2, lijkt een verlies aan neuronen in elk geval bij te dragen tot het probleem. De resultaten van het onderzoek kunnen, volgens professor Saper, dan ook tot nieuwe slaapmethodes leiden en deze problemen bij bejaarden aanpakken.
Onderzoek bij ratten
Het team van professor Saper kwam tot deze conclusie na het ontdekken van een groep afremmende neuronen die bij ratten als een soort slaapschakelaar dienst deden. De specifieke cellen zorgen ervoor dat de hersenen geen opwinding meer registreren, waardoor de dieren in slaap kunnen vallen.
"Onze experimenten met deze dieren toonden aan dat een verlies van deze neuronen voor ernstige slapeloosheid zorgt, waarbij dieren tot 50 procent minder slaap kregen dan normaal en hun slaap gefragmenteerd en verstoord bleef", verklaart professor Saper.
'Slaapschakelaar' bij mensen
Een gelijkaardige groep cellen werd ook in het menselijke brein gevonden en heeft volgens onderzoekers dezelfde chemische samenstelling als die bij ratten. Saper analyseerde vervolgens een dataset van 1.000 vrijwilligers bij wie vanaf de leeftijd van 65 jaar het slaappatroon bijgehouden werd tot aan hun dood (gemiddeld op 89-jarige leeftijd).
Wanneer de wetenschappers achteraf het brein onderzochten van 45 proefpersonen, ontdekten ze dat mensen met minder neuronen in het gebied van de zogenaamde 'slaapschakelaar', meer slaapproblemen hadden. Mensen met de minste neuronen spendeerden 's nachts minder dan 40 procent in diepe slaap en dan ging het vaak om mensen met Alzheimer.
"Een verrassende vaststelling is dat mensen met Alzheimer die cellen uitzonderlijke snel verliezen", aldus Saper. "Zij zijn diegenen met de minste neuronen en het meest verstoorde slaappatroon."