Zes redenen waarom ‘Knockout City’ een nieuwe multiplayertopper is
Met drie tegen drie virtueel trefbal spelen, terwijl je evengoed met zware oorlogwapens op elkaar zou kunnen schieten in Call of Duty? Geloof ons: het idee van Knockout City klinkt veel onnozeler dan het is. Zes redenen waarom je je toch eens aan deze nieuwe multiplayertopper moet wagen.
Dat hij gratis is tot 30 mei, of toch tenminste een deel ervan, nemen we niet eens mee in de redenen waarom je je aan deze prettig gestoorde third-person-trefbalgame zou moeten wagen. Velan Studios, een bende ex-Skylanders-ontwikkelaars die nu in een nieuwe studio voor Electronic Arts werkt, deed heel wat wenkbrauwen fronsen met het idee. Maar nu de game uit is, kunnen we wel wat redenen verzinnen om hem eens uit te proberen.
1. Het zijn niet zomaar ballen
De beste manier om trefbal te spelen in het echt is met een doodgewone, niet al te strak opgepompte plastic bal, maar Knockout City maakt het natuurlijk wat spannender dan dat. Je vindt bijvoorbeeld exploderende ballen op het speelveld, en sommige ballen geven je speciale krachten gedurende de tijd dat je ze hanteert. De Moon Ball, bijvoorbeeld, doet je zweven zoals bij de geringere zwaartekracht van de Maan.
2. Je bent er zò mee weg
We hebben nog maar weinig games gespeeld die zo makkelijk op te pikken zijn als Knockout City. Als je de afgelopen twintig jaar ooit eens een thirdperson-actiegame hebt gespeeld (een game dus waarin je je personage voor je uit kunt zien lopen), ben je in essentie klaar voor deze game. De game vraagt zelfs geen trefzekerheid, zoals bij een shooter: wanneer je een bal in handen hebt, en je ziet een tegenstander voor je, dan mikt de game automatisch op diens kanis. De kunst zit hem in je timing: je moet vooral op het juiste moment de bal gooien om je tegenstander knock-out te slaan. En wanneer je aan het ontvangende eind daarvan zit, kun je met een goed getimed afweermanoeuvre zijn aanvliegende bal in volle vlucht vastgrijpen.
3. De decors zijn de halve pret
De speelvelden waarop je je begeeft zitten vol obstakels, gevaren en tactische mogelijkheden. Zoals een dunne houten brug die tussen twee daken in werd gelegd, ventilators die je eventjes omhoog zwiepen, of een sloopbal die wild heen en weer slingert. De makers van Knockout City werken bovendien, net als bij Fortnite, met seizoenen, waarin er gaandeweg nieuwe kleurrijke speeldecors zullen bijkomen.
4. Jij mag de bal zijn
Wat een geweldige vondst: wanneer je in de buurt van een medespeler bent, de tegenstanders naderen, en er geen bal in de onmiddellijke omgeving ligt, kun je jezelf oprollen tot een bal zodat er met jou kan worden gegooid. Tijdens je vlucht kun je bovendien tot op zeker hoogte het traject aanpassen, zodat je een geleid projectiel wordt.
5. Geen gehannes met upgrades
Nog een toegift voor spelers die vinden dat moderne multiplayergames te complex zijn: je krijgt er geen nieuwe computergestuurde vaardigheden bij, geen ervaringspunten, geen wapens en uitrusting die je constant moet verbeteren. “Knockout City is uitsluitend gebaseerd op je vaardigheid tijdens het spel”, vertelde gamedirector Louis Castle ons.
6. Extreem gek doen met pakjes
Waar je wel constant aan kunt prutsen, en waarbij er zelfs beloningen worden uitgedeeld door goed te spelen, is het pakje dat je draagt. Net als bij andere multiplayergames met het cartooneske uiterlijk van Knockout City kunnen spelers een personage creëren met een unieke online identiteit, en dat kan ofwel door nieuwe items te verdienen in het spel, ofwel door ze te kopen. “Maar items die je kunt verdienen kun je niet kopen, en vice versa”, zegt Castle. “We wilden onder geen enkel beding dat betalende spelers een voordeel kunnen halen. Ook niet wanneer het om puur cosmetische items gaat.”