'Plants vs Zombies: Garden Warfare' mag meteen op de composthoop
Na een eerste passage op de pc en de twee Xbox-consoles brengt Electronic Arts zijn atypische onlineshooter 'Garden Warfare', gebaseerd op de immens populaire 'casual' gamereeks 'Plants vs Zombies', naar alle consoleplatformen. Het lijkt op het eerste gezicht een sympathiek zijstapje, tot je het cynisme van de goedkope uitvoering ziet.
Op zich was het wel een aardig idee: de oorlog tussen de zombies en de slimme planten uit 'Plants vs Zombies', een bescheiden game die een onwaarschijnlijke hit werd op de computer en de tablet, extrapoleren naar een volwaardige 'third-person'-multiplayershooter, waarin een team van twaalf planten het mag opnemen tegen een èquipe van evenveel zombies. Sinds Popcap, de studio die achter de originele game zat, werd overgenomen door Electronic Arts behoorde het ook tot de mogelijkheden: zo'n videogame-mogol gaat zijn best doen om iedere ronkende titel die hij in huis heeft zo breed mogelijk te laten renderen. En dus was een game als 'Plants vs Zombies: Garden Warfare' gewoon een logisch gevolg.
Helaas zit er ook teveel van die vanzelfsprekendheid in de uitvoering van 'Garden Warfare'. De kleurrijke omgeving van de originele game werd natuurgetrouw overgezet naar een 3D-wereld, maar dat is ook weer niet zo'n prestatie: 'Plants vs. Zombies' was qua visuele stijl de doodgewoonste 'casual'-meuk, die gemakkelijk te repliceren valt. De decors zien er bovendien onafgewerkt uit, de levelarchitectuur saai (open ruimtes met een paar achtergelaten auto's en wat tuinhekken maken géén spannende multiplayermap), en het geluid klinkt alsof je de game aan het spelen bent in een visbokaal. 'Plants vs. Zombies: Garden Warfare' ademt cynisme uit: klinkende titel, dus er moet niet teveel worden geïnvesteerd in de uitvoering.
Maar de elementen die écht de doodsteek betekenen voor 'Garden Warfare' zijn de krakkemikkige besturing en het gebrek aan een kloppend multiplayerhart. Multiplayershooters zijn onderling inwisselbaar in hun universele appeal: je vliegt het chaotische strijdperk in, je kiest positie, en je gaat knallen. Hetgene wat een goeie multiplayershooter onderscheidt van een middelmatige, is de impact van je wapens, de snelheid van de actie en de rijkdom aan speelmodi. Daar wringt hem het schoentje: je kunt niet eens bijster accuraat schieten in 'Garden Warfare', waardoor zowel een overwinning als een nederlaag weinig betekenis hebben. De basispersonages begeven zich slepend traag over het speelveld. En er zijn een handvol interessante speelmodi in de game (probeer bijvoorbeeld 'Garden Ops', waarin je een thuishonk moet beschermen zoals in de originele game), maar het merendeel is gewoon zielloos partij kiezen en knallen.